Van IR35 tot ABC-wet: zo gaan andere landen om met schijnzelfstandigheid

In Nederland wordt volop gediscussieerd over de wetgeving rondom zzp’ers. Hoe zit dat eigenlijk in andere landen? Een overzicht.

Werkgevers-, werknemers- en zzp-organisaties buigen zich maandag over de webmodule. Die tool moet inzicht geven in wat er wel en niet mag als het gaat over de inhuur van zelfstandig professionals. Minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken), staatssecretaris Hans Vijlbrief (Financiën) en staatssecretaris Mona Keijzer (Economische Zaken) gaan met hen in gesprek over wat die kan gaan betekenen in de dagelijkse praktijk. Ze zijn benieuwd naar de maatschappelijke opvattingen over de kwalificatie van de arbeidsrelatie.

De nieuwe wetgeving is nog volop in ontwikkeling en dat is niet alleen in Nederland zo. Ook in andere landen maakt de politiek zich zorgen over zzp’ers en schijnzelfstandigheid. Een overzicht.

Verenigd Koninkrijk: IR35

Wie in het Verenigd Koninkrijk werkt via een zzp-bemiddelaar of intermediair, heeft te maken met IR35. Deze wet tegen schijnzelfstandigheid geldt sinds 2017 voor de publieke sector en vanaf april 2020 hebben ook midden- en grootbedrijven ermee te maken.

IR35 is vergelijkbaar met de Wet DBA, maar dan specifiek gericht op bedrijven die zzp’ers inhuren via een intermediair. De Britse belastingdienst controleert de daadwerkelijke relatie tussen de inlener en de zzp’er en bepaalt zo of die zzp’er een echte ondernemer is.

Net als in Nederland is er veel kritiek op IR35, omdat het onderscheid tussen werknemers en zzp’ers nogal vaag blijft. Om duidelijkheid te scheppen, heeft de fiscus ‘een soort webmodule‘ gebouwd (inspiratiebron voor ons kabinet). Helaas werkt die niet naar behoren en zijn de uitkomsten dubbelzinnig… Lees meer over deze Britse wet. 

Een Britse commissie Borstlap is er ook al geweest (olv Matthew Taylor ‘Employment practices in the modern economy’). Daarin wordt vooral de focus gelegd op ‘goed werk’ (‘7 principles for good quality work for all’, zie hier

Verenigde Staten

De VS wordt wel gezien als de bakermat van het freelancen. Niet helemaal terecht. Het aantal echt zelfstandig professionals was, zeker voor Obamacare (waarmee een betaalbare zorgverzekering werd losgekoppeld van het vaste contract) beperkt. Veel werkenden ‘freelancen’ als aanvulling op een vaste baan.

In de VS zijn verschillende instanties die zich naast elkaar bezig houden met wat ze daar ‘misclassifiation’ noemen. De Belastingdienst (IRS) en het Amerikaanse ministerie van ‘werk’ hanteren andere criteria. Daarbij is de ‘regulering van werk’ vooral ook een taak van de afzonderlijke staten. Die hebben zo hun eigen regels.

In dit artikel hebben we al eens de Amerikaanse benadering op een rij gezet. Daarbij valt op dat er weinig in staat over een wat vager begrip als ‘gezag’, maar het vooral een praktische invulling wat wel en niet de bedoeling is. Net wat het kabinet van plan was (meer materieel maken, staat in het regeerakkoord), maar waar het niet echt van gekomen is.

De groeiende gig-economie heeft een aantal staten er wel toe gezet om striktere wetgeving te maken. In die staten waar die gig-economie hard groeit en waar de Democraten het bestuur van de Staat in handen hebben. 

AB5 in Californië

Ook wel bekend als de ‘ABC-wet’. Deze omstreden wet werd eind vorig jaar aangenomen en geldt sinds 1 januari 2020. De wet is een stuk strikter en eenvoudiger dan de regels in Nederland.

Freelancers moeten in Californië aan drie voorwaarden (A, B, C) voldoen voordat ze een opdracht als zelfstandige mogen uitvoeren: ze bepalen zelf hoe en wanneer ze werken, ze doen niet hetzelfde werk dat werknemers in loondienst verrichten bij hetzelfde bedrijf en ze werken ook voor andere opdrachtgevers.

Zij moeten aan alle drie de voorwaarden voldoen. Zo niet, dan is er sprake van schijnzelfstandigheid. Lees meer.

New Jersey & New York

Staten aan de andere kant van de VS, zoals New York (die andere bakermat van freelancers in de VS), New Jersey en Illinois overwegen vergelijkbare wetgeving in te voeren als in Californië. Lees hier meer.

De gouverneur van de staat New Jersey diende begin dit jaar wetsvoorstellen in die schijnzelfstandigheid tegen moeten gaan. Het doel: verkapte werknemers meer rechten geven en meer belasting innen van de bedrijven die ze inhuren. Volgens de lokale krant loopt de staat momenteel miljoenen dollars mis aan inkomstenbelasting en sociale premies.

Ook in New York doen politici diverse voorstellen. Ten eerste het idee om ook een ABC-test in te voeren, zoals in Californië. Een alternatief plan (zie hier) is om een nieuwe categorie ‘werker’ in te voeren (in het Verenigd Koninkrijk is die al), iets tussen een zelfstandig professional en een werknemer in. Verder is de New York City Human Rights Law, waarin de rechten en bescherming van werknemers zijn vastgelegd, sinds begin van dit jaar ook van toepassing op freelancers en ‘independent contractors’ (zie hier). Dit is dus eigenlijk een universeel recht voor alle werkenden geworden.

West Virginia

De senaat van de Republikeinse staat West Virginia heeft op 23 februari de Uniform Worker Classification Act aangenomen. Die moet het onderscheid tussen werknemers en zelfstandigen duidelijker maken. Er is een lijst met criteria (onder ander vrijheid rond inhoud van het werk, aantal uren, aantal opdrachtgevers) en als je voldoet aan de eisen, dan ben je zelfstandige. De criteria zijn wat minder strikt dan die in Californië. Critici vrezen dat de nieuwe wet te veel aan de eigen interpretatie overlaat en zo schijnzelfstandigheid in de hand werkt.

Canada: pensioen en aov voor iedereen

“Deze ‘Nederlandse toestanden’ zijn niet uit te leggen aan mijn vrienden en familie in Canada”, schreef gastblogger Natasha Cloutier eerder op ZiPconomy. De discussies over arbeidsongeschiktheid en pensioen voor zelfstandigen spelen in Canada totaal niet, want daar is alles prima geregeld. Een betaalbare aov, aow, en andere pensioenregelingen zijn al decennia een feit voor álle werkenden, inclusief zelfstandig ondernemers.

Duitsland: geen personeel of machines? Geen zzp’er

In Duitsland bestaat er ook nogal wat discussie over de definitie van ‘zelfstandig ondernemer’. Op dit moment kan iedereen die geen kantoor, werknemers, machines of substantieel werkkapitaal gebruikt, door de Deutsche Rentenversicherung (belastingdienst) als schijnzelfstandige aangemerkt worden.

Dat is nogal een ouderwetse opvatting, vinden zzp-organisaties. Ondertussen durven bedrijven als Vodafone niet meer met Duitse zzp’ers te werken, schrijft de Duitse krant Die Welt. In plaats daarvan halen ze hun flexkrachten uit het buitenland, waarschuwen zzp-organisaties.

In een coalitieverklaring schrijven SDP en Union dat ze een nieuwe officiële definitie van ‘zzp’er’ willen, maar tot nu toe is er niks gebeurd. De liberalen willen in elk geval een minimuminhuurtarief. En deze lente komt minister Hubertus Heil (SPD) met een wetsvoorstel voor een pensioenvoorziening voor zzp’ers. Hoe dat eruit gaat zien, is ook nog niet duidelijk.

België: nauwelijks discussie

Nog even aandacht voor ons andere buurland, België. Daar kent met het ‘zelfstandigenstatuut’, een aparte status voor zzp’ers. Wat overigens geen garantie biedt tegen schijnzelfstandigheid.

Net als in Nederland, worstelen ook Belgische wetgevers hoe zij moeten omgaan met gezagsverhoudingen tussen zzp’ers en opdrachtgevers. Wanneer is zodanig sprake van gezag, dat het om een werknemer-werkgeverrelatie gaat?

Toch is er veel minder discussie rond schijnzelfstandigheid in België dan in de andere beschreven landen, waaronder Nederland. Ondanks het feit dat het aantal freelancers (volgens de SER-Vlaanderen definitie: zelfstandige die geen personeel heeft en zijn eigen arbeid, kennis of creativiteit tijdelijk of in opdracht verhuurt aan bedrijven of organisatie, business-to-business dus) zeker in Vlaanderen harder groeit dan in Nederland.

Hoe komt dat? In bepaalde ‘kwetsbare’ sectoren als bouw, vervoer en schoonmaak gelden strenge regels om überhaupt met zelfstandigen te mogen werken. En minstens zo belangrijk is dat zelfstandigen in België veel sociale voorzieningen hebben, waar ze verplicht aan meedoen en die ze ook zelf betalen (ongeveer een kwart van hun omzet). Daarnaast zijn de fiscale voordelen voor zzp’ers een stuk kleiner. Kortom: weinig politieke druk voor de discussie wie nu wel en geen zelfstandig is.

Tekst: Claartje Vogel & Hugo-Jan Ruts

De ZiPredactie plaatst hier interviews en eigen artikelen. Daarnaast persberichten, aankondigingen of (met toestemming) overgenomen artikelen. (contact: info[AT]zipconomy.nl) Bekijk alle berichten van ZiPredactie

Eén reactie op dit bericht

  1. Je ziet dat als men geen focus houdt op het probleem dat men probeert op te lossen, een land bestuurd wordt als een ouija-board. Laten we vooral geen voorbeeld nemen aan het buitenland, maar op een intelligente en evenwichtige manier, en op basis van onze eigen waarden onze koers bepalen.