Het echte nieuws: aantal zelfstandigen met ‘zzp-inkomen als neveninkomen’ daalt.

Het ‘nieuws’ dat een flink deel van de zzp’ers in Nederland ook andere inkomsten heeft haalt de krantenkoppen. Nieuw is dat nieuws niet. En die groep is ook nog eens gedaald.

Het CBS komt met nieuwe cijfers over hoeveel zzp’ers er zijn die hun inkomen volledig halen uit het ondernemerschap en voor hoeveel het een bijverdienste is. Dit nieuws krijgt in verschillende media flink de aandacht. Met soms het commentaar dat dit een nieuwe kijk op ons zzp-landschap geeft.

Zzp’ers zijn er in vele soorten en maten. Zo ook in hoeverre dat inkomen uit zzp-schap het ‘hoofdinkomen’ is of een ‘neveninkomen’.  Zeker voor zzp’ers in de publieke sector is het zzp-schap veelal een bijverdienste. Vooral onder starters (zie cijfer KvK) zijn er veel ‘hybride’ zzp’ers. Niet zelden met als argument om zo even de teen in het water van het ondernemerschap te steken.

De suggestie dat ‘zzp’ers moeten bijklussen in loondienst’ zoals het AD schrijft, lijkt me wat al te kort door de bocht. Motieven om inkomensbronnen te mixen zijn even divers als dat er zzp’ers zijn.

Aantal zzp’ers met neven-inkomen gedaald

Nieuw is het inzicht dat er veel zzp’ers zijn die ook via andere bronnen inkomen genereren overigens niet.

In het SER rapport over de zzp-markt uit 2010 wordt al melding gemaakt dat “bijna de helft van alle zzp’ers (45 procent) hybride ondernemer is en behalve inkomsten uit de onderneming ook inkomsten uit loon of pensioen heeft”. In het IBO-zzp rapport uit 2014 staat: “Er zijn ongeveer 800 duizend zzp’ers die als zelfstandige hun hoofdinkomen verdienen. Tevens zijn er circa 600 duizend personen die als zzp’er bijverdienen maar een ander hoofdinkomen hebben”.

In het WRR rapport ‘Voor de Zekerheid’ zet Monique Kremer de CBS cijfers over de verdeling naar het belang van inkomen onder de zzp’ers centraal om de diversiteit van deze groep te laten zien (zie afbeelding hieronder).

Kremer gebruikt cijfers van 2014. De nieuwe cijfers van het CBS zijn over 2016. Aardig om die twee naast elkaar te leggen. Dan zien we dat die de groep ‘zzp-inkomen is neven inkomen’ gedaald is. In absolute zin en al helemaal als percentage.  Ook het aantal zzp’ers met ‘hoofdinkomen als zzp’er, met aanvullend neveninkomen’ is gedaald.

Situatie 2014 

Bron: CBS cijfers 2014, uit WRR rapport ‘Voor de zekerheid’

 

Situatie 2016 zzp verdeling hoofdinkomen neveninkomen

 

Hugo-Jan Ruts is 'editor-in-chief' en uitgever van ZiPconomy. Bekijk alle berichten van Hugo-Jan Ruts

6 reacties op dit bericht

  1. Wat is er mis met het hebben van twee inkomensbronnen? Het lijkt wel alsof ik mij moet schamen om een Hybride zzp’er te zijn! Ik combineer twee dagen loondienst als docent met het runnen van een eigen ontwerpstudio (ze noemen dat tegenwoordig een hybride docent). De ervaring die ik opdoe in mijn eigen praktijk stop ik rechtstreeks in mijn lessen vormgeven en ontwerpen.

    Dat doe ik niet om het geld, maar gewoon omdat ik het graag doe en omdat het ene het andere mooi aanvult. Waarom laat men iedereen niet doen wat hij graag wil doen in plaats van alles en iedereen in een kastje te stoppen?

    • Niets mis mee hoor! Soms heel verstandig, soms heel praktisch. En soms is het gewoon zo omdat het zo is.

  2. Het échte nieuws is dat die 653.000 ZZP’ers met alleen ZZP inkomen gemiddeld(!) een beneden modaal inkomen hebben van netto 2.128,- euro per maand. En daarmee economisch geen factor van betekenis zijn. Maar ongetwijfeld zijn ze verder heel gelukkig met hun vrijheid.

    • @Fred, de economisch waarde van iemand afleiden van zijn/haar netto inkomen is een wat klassieke benadering. Daarbij is 653000*2128*12 nog altijd bijna 17 miljard netto inkomen. De variatie tussen veel en beperkt inkomen uit werk halen is onder zzp’ers groter dan onder werknemers. Dat zzp-schap niet garant staat voor topinkomen klopt.
      Het netto inkomen dat je noemt wijkt overigens maar weinig af van het algemene netto modale inkomen van ons allemaal.
      Laatste opmerking: onder die 653.000 zzp’ers zitten dan ook weer veel parttimers.

  3. Ik vraag mij bij het lezen van dit soort berichten altijd af waar we het over hebben? Een zzp’er bestaat juridisch niet. Zijn deze onderzoeken dus gericht op ondernemers met een eenmanszaak? Er zijn vele ondernemers met vele activiteiten die deze ondernemingsvorm toepassen. Het lijkt echter altijd te gaan om “kenniswerkers”. Het niet hebben van een arbeidsongeschiktheidsverzekering of een pensioenvoorziening kan ook liggen in de onderneming die wordt gedreven. Juist omdat de diversiteit zo groot is, is een oplossing zo moeilijk. Zijn er onderzoeken die de ondernemingsvorm als uitgangspunt nemen?

    • Jacqueline,

      ik snap je vraag. Een paar punten die daar wellicht een antwoord op geven.

      1. Het CBS baseert zijn uitspraken om hun Integraal inkomens- en vermogensonderzoek.
      2. De voornaamste bron is de Belastingdienst.
      3. Voor CBS is een zzp’er: Een persoon die voor eigen rekening of risico arbeid verricht in een eigen bedrijf of praktijk (zelfstandig ondernemer) of als directeur-grootaandeelhouder (dga) en die geen personeel in dienst heeft. Overige zelfstandigen worden ook tot de zelfstandigen zonder personeel gerekend. (dat is dus een zeer brede definitie, ook eenmans BV vallen hier onder.
      4. CBS: Het zzp-inkomen omvat inkomen uit eigen onderneming, loon directeuren (=bijv BV) en overige inkomsten uit arbeid (dat laatste is bijv ook de categorie in de aangifte “resultaat uit overig werk”, bijv bijverdiensten buiten loondienst om).

      Het klopt dat het gros van alle zzp’ers een eenmanszaak heeft, een klein deel een BV. Een DGA van een BV (zonder personeel) bouwt niet automatisch pensioen op en is ook niet per definitie verzekerd tegen arbeidsongeschiktheid.