Maandelijkse archieven: mei 2016

De waarde van de ZP’er deel IV: “De waarde van de ZP’er moet kwantificeerbaarder worden”

Wat is nu de werkelijke waarde van de zp’er? In een mooi serie met stevige artikelen gaan Liesbeth Ruoff en Niels Huismans op zoek naar dat antwoord. In deze vierde aflevering onderzoeken ze de vraag welke rol en waarde zp’ers leveren bij innovatie en vernieuwing en hoe is die waarde te kwantificeren? 

 

Speelt zp’ers rol bij innovatie en vernieuwing?

In onze vorige artikelen over de waarde van de zp’er hebben we een aanzet gegeven om vanuit verschillende invalshoeken te kijken naar de zelfstandig professional (zp’er). Zo hebben we al gekeken naar de rol van de zp’er op de arbeidsmarkt en hebben we ons afgevraagd of de groei van het aantal zzp’ers, en dus van ook de groep zp’ers, ontstaan is ten koste van vaste medewerkers. Deze keer bekijken we of de zp’er een rol speelt bij innovatie en vernieuwing en zo ja, welke rol.

De lezers van platform ZiPconomy hebben hierover geen uitgesproken mening:  Een meerderheid van 39 procent is het geheel eens met de stelling: De zp’er wordt binnen organisaties actief ingezet op projecten en opdrachten waar anders denken en doen en vernieuwing cruciaal zijn. 33 procent is het daar enigszins mee eens, 19 procent kiest voor enigszins oneens en 9 procent is het geheel oneens.

In dit artikel behandelen we eerst een aantal vragen uit ons eigen onderzoek die in een breder perspectief te maken hebben met de rol die zp’ers willen en kunnen spelen bij innovatie en vernieuwing. Zo leerde ons onderzoek dat een meerderheid van de zp’ers graag beoordeeld wenst te worden op onderwerpen zoals expertise, ervaring, specialisme en professionele uitstraling.

Welke vaardigheden zou je graag beoordeeld zien van een (oud-)opdrachtgever/klant? Percentage

(%)

Communicatie 45%
Professionele uitstraling 56%
Businesscase 11%
Groeipotentie 10%
Specialisme/focus 57%
Slim ondernemen 4%
Persoonlijk verhaal 13%
Deadline 11%
Ervaring 70%
Expertise 83%
Flexibiliteit 33%
Innovatief vermogen 35%

bron: onderzoek ZZP Barometer en FastFlex 2015

Redenen voor inhuur

De antwoorden komen overeen met antwoorden die gegeven werden op de vraag naar de reden van inhuur. Het overgrote deel wordt ingehuurd op grond van hun expertise, zoals de onderstaande cijfers laten zien. Ook de frisse blik scoort hoog (40 procent). Minder vaak komt het voor dat iemand wordt ingehuurd omdat er niemand anders beschikbaar is (31 procent).

Redenen van inhuren:
Answer Options Response Percent
De frisse blik die ik heb op zaken bij de klant/opdrachtgever 40%
Flexibiliteit van de klant/opdrachtgever verhogen 31%
Het is goedko(o)p(er) om mij in te huren 12%
Het is een kleiner risico om mij in te huren 14%
Ik zorg voor de benodigde onafhankelijkheid bij de klant/opdrachtgever 26%
Intern is niemand beschikbaar bij de klant/opdrachtgever 31%
Mijn kennis en/of expertise is intern niet beschikbaar bij de klant/opdrachtgever 75%
Weet ik niet 2%
Anders, namelijk… 6%

Bron: onderzoek ZZP Barometer en FastFlex 2015

De bovenstaande gegevens zijn afkomstig uit onderzoek onder zp’ers. Onderzoeksbureau Metri hield in 2016 een onderzoek onder 28 van de 100 meest inhurende bedrijven van Nederland naar de redenen van inhuur. De uitkomst versterkt het beeld dat de belangrijkste reden om iemand in te huren is dat de gevraagde expertise intern niet beschikbaar is.

waarom huurt u in redenen

Bron: Metri sourcingsonderzoek 2016

Het Sociaal Cultureel Planbureau deed in opdracht van het IBO-rapport Zelfstandigen zonder personeel uit 2015 onderzoek onder bedrijven en organisaties naar de belangrijkste redenen om gebruik te maken van een flexibele schil. Ook die bevindingen bevestigen dat een tijdelijk gebrek aan specialistische kennis een belangrijke reden is om gebruik te maken van zzp’ers, zoals de onderstaande cijfers laten zien.

redenen inzet flex volgens CBSBron: Sociaal Cultureel Planbureau 2014 : Bevrijd of beklemd?

Een nieuwe stelling voor het volgend artikel uit deze serie:

Sociale innovatie

Zijn deze uitkomsten in een perspectief te plaatsen?

Henk Volberda, hoogleraar Strategisch Management en Ondernemingbeleid aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, schrijft vanaf het begin van deze eeuw over innovatie. Hij is onder andere betrokken bij de Rotterdam School of Management (RSM) en het Erasmus Research Institute of Management (ERIM). Hij maakt een onderscheid tussen technologische innovatie en sociale innovatie. Zo schrijft hij: “Binnen het Nederlandse Innovatie Debat wordt veel aandacht besteed aan het stimuleren van technologische innovaties. Nieuwe technologische kennis verkregen door R&D-investeringen verklaart echter slechts een deel van het innovatiesucces.” Uit de uitkomsten van de Erasmus Concurrentie- en Innovatie Monitor 2005-2010 bleek dat technologische innovaties 25 procent van het innovatiesucces verklaren, terwijl 75 procent van het innovatiesucces verklaard wordt door iets wat sociale innovatie wordt genoemd (Volberda, Jansen & Van den Bosch, 2006).

Wat verstaat Volberda onder sociale innovatie? Hij ziet onder andere managementkennis, ervaring, slimmer organiseren en werken, de integratie en het toepassen van nieuwe kennis als de basis van het begrip sociale innovatie (zie de tabel hieronder). Hij stelt dat ondernemingen door middel van samenhangende (sociale) innovaties in management, organisatie en arbeid beter in staat zijn de bestaande kennisbasis aan te wenden en daarmee combinaties uit voeren die nieuw zijn voor het bedrijf en de industrie.

innovatie volberda

Uit het onderzoek dat speciaal is gericht op sociale innovatie Monitoren van sociale innovatie: slimmer werken, dynamisch managen en flexibel organiseren door Henk Volberda, Justin Jansen, Michiel Tempelaar en Kevin Heij dat in 2011 verscheen in het tijdschrift voor HRM blijkt dat het personeelsbestand van innovatieve bedrijven niet bestaat uit traditionele medewerkers, die plukjes gegevens verwerken of een begrensde productietaak uitvoeren in een herhalend karakter, maar uit kenniswerkers (zie ook Drucker, 1993; Nonaka & Takeuchi, 1995; Quinn, 1992). Deze kenniswerker beschikt over unieke vaardigheden en vakmanschap om nieuwe producten en diensten te creëren.

Vanwege hun waardevolle kennis (bijvoorbeeld technologische knowhow, inzicht in de klant en creativiteit) zijn ze betrokken bij een variëteit aan activiteiten, zoals productontwikkeling, productontwerp, procesvernieuwing, marketingpresentatie en managementtaken, zoals projectmanagement. Volberda c.s. concluderen dat sociaal innovatieve bedrijven die goed interne en externe kennis kunnen verwerven, integreren en toepassen hoge bedrijfsprestaties leveren en dus succesvol zijn.

Kenniswerker als human capital

Als we deze resultaten van Volberda plaatsen tegenover de uitkomsten van ons onderzoek en het onderzoek naar de redenen om zp’ers in te huren, dan zou je kunnen concluderen dat de instelling en opstelling van een zp’er overeenkomsten vertoont met de omschrijving van de ‘kenniswerker’ en dat bedrijven bij een zp’er uitkomen als ze op zoek zijn naar iemand met specialistische kennis. Want naast de specifieke kennis die zp’ers met zich meebrengen, hebben zij als externe ook minder last van bedrijfsblindheid en lijken zij minder de bedrijfsroutines te volgen. Hierdoor zijn zij in staat om de behoefte aan vernieuwing (sneller) te zien en daarop in te spelen.

Een heel andere wijze om naar de relatie tussen de zp’er en innovatie te kijken, is vanuit een financiële context. Hans Strikwerda, hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam, gaf tijdens een presentatie in 2014 hiervoor misschien een verklaring:  “Onze concepten, methoden en technieken voor bestuur, management en organisatie hebben als institutionele grondslag het vennootschapsrecht en arbeidsrecht daterend van eind negentiende eeuw. Maar sinds ongeveer 1990 geldt dat immateriële activa, human capital, information capital en organization capital van meer belang is voor de waardecreatie van de onderneming dan materiële activa” (Arrow en OECD, o.a.).

Strikwerda gaat verder en meent dat arbeid een aantal fundamentele transformaties ondergaat, zoals de toenemende economische betekenis van ongecodificeerde, persoonsgebonden kennis. In de economie wordt al erkend dat human capital een materieel deel uitmaakt van de kapitaalbasis van een onderneming, maar het wordt bijvoorbeeld nog niet erkend in de boekhoudregels. Een CFO heeft nog geen handvatten om deze investeringen en waardecreatie op te nemen in het financiële verslag van een organisatie. Strikwerda geeft goed aan dat human capital, in dit geval onder meer de kenniswerkers, wel in woorden maar nog niet in daden opgenomen kunnen worden in de kapitaalbasis van een organisatie. En iets is binnen een organisatie pas van waarde als de CFO er een budget aan kan toevoegen.

Zo is de technologisch innovatie, die we allemaal erkennen, binnen een organisatie vaak in de balans terug te vinden. R&D- en ict-investeringen kunnen over een aantal jaar verspreid worden en komen in aanmerking voor investeringsaftrek. De afdelingen onderzoek en ontwikkeling krijgen vaak een vast percentage van de gebudgetteerde omzet of een vast percentage van de gebudgetteerde kosten. Technologische kennis ten slotte vind je onder andere terug in de waardering van de octrooien. Zo zie je dat de technologische innovatie goed vertegenwoordigd is in een jaarverslag van een organisatie.

De kwantificeerbare waarde van de zp’ers voor organisaties

Het wordt vaak over het hoofd gezien dat kennis, procesoptimalisatie en nieuwe wijzen van samenwerken binnen een organisatie innovatieve oplossingen en rendementen kunnen brengen. De kosten voor de mensen die dit doen en hun opleidingen kunnen over een aantal jaren verspreid worden en dus worden afgeschreven. Nu helpt het ook niet bij een kwantificering dat er nauwelijks goede gegevens beschikbaar zijn binnen een organisatie over de totale flexibele schil.

Dat gebrek aan data en getalsmatige onderbouwing van human capital in organisaties wordt steeds meer erkend. Er wordt gewerkt aan betrouwbare data, die inzicht geven in welke mensen met welke arbeidsrelatie binnen een organisatie verantwoordelijk zijn voor de output van die organisatie of een onderdeel daarvan. Op de laatste CWS-conferentie van Staffing Industry Analists in Londen in april 2016 liet een aantal bedrijven zien nadrukkelijk bezig te zijn met inzicht geven in de opbouw van de totale HR-kolom waaronder ook de zp’er valt. De zp’er kan daarmee zichtbaar, bespreekbaar en kwantificeerbaar worden.

Dat het van belang is dat er organisatie breed gekeken wordt, laten ook de volgende antwoorden zien op de vraag waar in het bedrijf zp’ers actief zijn. Onze respondenten zitten overal binnen de organisatie.

Answer Options Response Percent
Engineering 11%
Facilities 7%
Finance & risk 12 %
ICT 25%
HR, procurement & legal 19%
Logistiek 6%
Management 46%
Marketing, communicatie & sales 20%
Procesmanagement/-consultancy 23%
Productie 12%
Support 9%
Anders, namelijk… 20%

Bron: onderzoek ZZP Barometer en FastFlex 2015

Conclusie

Samenvattend: de bevindingen rondom de stelling “de zp’er wordt binnen organisaties actief ingezet op projecten en opdrachten waar anders denken en doen  en vernieuwing cruciaal zijn” kan worden begrepen vanuit het denken van Volberda en wordt ondersteund door de uitkomsten van onze respondenten maar ook door de onderzoeken onder organisaties.

Deze waarde is alleen nog niet zichtbaar in allerlei officiële documenten. De start met data-analyse van de totale HR-kolom kan dit euvel misschien verhelpen en er voor zorgen dat de HR-kolom de waarde van de zp’er ook echt kwantificeerbaar kan maken.

Geplaatst in Professioneel inhuren | 3s Reacties

Randstad Direct: het nieuwe online avontuur uit Diemen

Het is een beetje onder de radar gebleven maar begin dit jaar heeft Randstad iets nieuws gelanceerd: Randstad Direct. Een grotendeels online service voor het MBK. Met als pakkende payoff: Het selectieproces moet fundamenteel anders. Over het hóé en waaróm het anders moet spraken we initiatiefnemer en directeur Jeroen Müller.

Online tool

Randstad Direct richt zich primair op het MKB. Het wil opdrachtgevers digitaal ondersteunen. En dan niet met de zoveelste jobboard of kale vorm van online matching. “We hebben potentiele klanten gevraagd waar ze nu precies ondersteuning bij nodig hebben. Vaak hebben ze maar een paar vacatures per jaar. Het opstellen van een goed functieprofiel is voor hun best lastig maar cruciaal bij het vinden van de juiste kandidaten”, zo zegt Müller. “Via onze online tool maken wij voor de klant een uniek functieprofiel met taken, persoonskenmerken en de organisatiecultuur.”

Stap twee is het vinden van de juiste kandidaten. Randstad maakt daarbij gebruik van testdata van kandidaten die al in de database van Randstad staan. “Iedereen die wij voordragen is online getest. We spreken kandidaten niet fysiek, maar houden – waar nodig – wel Skype gesprekken. Zo zijn we in staat om snel én meerdere kandidaten voor te stellen. De klant ontvangt bovendien een matchrapport  waarmee hij zelf ook de juiste vragen kan stellen in een interview”.

Start-up mentaliteit

Randstad Direct is zeker niet het eerste online avontuur van Randstad. Toch heeft de uitzendgigant met projecten als New Monday (inmiddels een tijd geleden) en recentelijk het alweer ten graven gedragen YachtPlaza niet bepaald een sterk online-record opgebouwd. Muller hanteert een andere methode dan zijn voorgangers. “We werken volgens de lean-startup methode. Echt als pionier, waarbij we ons onttrekken aan de bureaucreatie die een grote organisatie nu soms eenmaal in zich heeft. Maar we maken natuurlijk wel gebruik van de kracht van bijvoorbeeld de kandidatendatabase van Randstad.

Randstad Direct richt zich vooralsnog op een segment dat bijvoorbeeld door Randstad Professionals of Yacht niet wordt bediend: het MKB met functies op gemiddeld MBO niveau. En bovendien vaste functies, geen interim. Müller: “We gaan eerst leren van het bedienen van dit marktsegment. Zodra we dat goed in de vingers hebben, ligt het voor de hand dat we ook andere segmenten gaan bedienen. En ik sluit zeker niet uit dat we ook iets gaan doen met opdrachten voor zelfstandigen”.

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , | Laat een reactie achter

Freelance matchingsplatform Jellow haalt 500.000 euro op voor groei

Het freelance matchingsplatform Jellow heeft een half miljoen financiering ontvangen. Jellow gaat dat geld met name investeren in kennis en nieuwe medewerkers.

Jellow is een paar jaar actief. Met haar tooling wil Jellow haar klanten in staat stellen grip op hun eigen talentpool en hebben tegelijkertijd toegang tot alle professionals uit het Jellow netwerk. “Het is tijd om door te groeien, om ons nog nadrukkelijker te laten zien. Daarvoor is vanzelfsprekend groeifinanciering nodig. En die hebben we inmiddels ook gevonden.’ zegt algemeen directeur Noel Wilson.

De financiering komt onder andere bij NOM, Investerings- en Ontwikkelingsmaatschappij voor Noord-Nederland en bij een drietal informal investors, waaronder Michiel van Asbeck. Van Asbeck is directeur van HR dienstverlener RaymakersvdBruggen en als zodanig screeningpartner van Jellow voor het vakgebied HR. ‘Door slim gebruik te maken van technologische mogelijkheden weet Jellow de voordelen van zelfbediening uitstekend te combineren met de kwaliteit en service van traditionele bemiddeling’, vertelt hij. ‘Freelance professionals die wij goed genoeg vinden om mee te werken, zijn dus ook terug te vinden in het Jellow netwerk.’

De groeifinanciering zal voornamelijk worden aangewend om te investeren in kennis en nieuwe medewerkers. ‘Wij zijn van mening dat er maar plek is voor één platform waar het gros van de bedrijven straks hun talentpool onderbrengt’, onderstreept Wilson de ambitie van Jellow. ‘Voorlopig richten we ons uitsluitend op Nederland. Maar een dergelijk concept werkt vanzelfsprekend ook in het buitenland. Daarnaast kan ons model tevens interessant zijn voor de markt voor werving en selectie. Dus wellicht gaat Jellow in de toekomst ook in de breedte groeien.”

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , | Laat een reactie achter

Geen tijd, geen geld, geen excuus. Drie stappen op je droom wel te realiseren.

Esther Jacobs, ook wel bekend als de ‘no excuses lady’, reist als wereldburger en ZZP’er de hele wereld over. Ze vroeg zich af waarom het lastig is om je droom of doel te realiseren. Ze bestudeerde het proces en onderscheidt het in drie stappen: Strive, Struggle en Shine.

Esther heeft twee keer goed nieuws voor ons: ten eerste is alles mogelijk en ten tweede is dat niet makkelijk te realiseren. Hoe dat zit? Als iets moeilijk is, betekent het dat niet veel mensen daarvoor moeite doen, volgens Esther. Je zal één van de weinigen zijn die doorzet en hoe moeilijker de ervaring en de weg is, zowel zakelijk als privé, hoe sterker je daar uitkomt.

De spreuk ‘what doesn’t kill you makes you stronger’ is haar op het lijf geschreven. “De cyclus die ik wel 300 keer heb doorlopen, zal voor ZZP’ers herkenbaar zijn: strive, struggle en shine. Strive staat voor een droom, een visie en een doel. Je moet als persoon uit je comfortzone stappen en risico nemen als ondernemer”, aldus Esther. Dat gaat natuurlijk gepaard met struggle: ups en downs. Er zullen doodlopende wegen zijn en je zal om hulp moeten vragen. Esther: “Soms is die weg veel langer dan je denkt. Op het punt dat je wilt opgeven, kijk je terug op wat je bereikt hebt en besef je dat dat de motivatie is om toch door te gaan. Een mislukking is pas een mislukking als je het opgeeft. Als je doorgaat, wordt het een leerproces. “Zet je door en vallen uiteindelijk alle puzzelstukjes in elkaar, dan zal je bereiken wat je wilt bereiken: succes.”

what doesn’t kill you makes you stronger’

Als laatste licht Esther shine toe. De Nederlandse cultuur is wat dat betreft een beetje vreemd volgens haar. Al snel verontschuldigen Nederlanders zich zodra hen gevraagd wordt waar ze goed in zijn en wat ze bereikt hebben. “Amerikanen durven openlijker uit te komen voor de dingen waar ze goed in en trots op zijn. Durf in je eigen kracht te staan en shine.”

Dit zal niet het eindpunt zijn, want ‘wie met z’n hoofd boven het maaiveld uitsteekt…’. Succes trekt ook vervelende dingen aan. Dat kan zich uiten in vervelende kritiek, jaloezie en dwarsbomen. Esther: “Je zal jezelf opnieuw moeten uitvinden, je kan niet stil blijven staan bij het succes. En dus gaat het proces van strive, struggle en shine maar door. Ik heb dit meerdere malen ondervonden.”

ZZPTalks-9-juni-2016

Rond de invoering van de euro kreeg Esther het idee om alle buitenlandse munten in te zamelen voor goede doelen: Coins for Care. Een makkelijk en simpel plan, tenminste zo leek het. Esther had geen ervaring, geen budget en kwam terecht in een onbekende wereld. “Een gigantisch project dat ik op moest zetten zonder middelen, maar ik zag in iedere uitdaging een oplossing.

Uiteindelijk heb ik zestien miljoen euro ingezameld, maar ik werd vervolgens tegengewerkt door de goededoelenwereld. Ze voelden zich bedreigd omdat ik het kosteloos deed en mensen aan de goede doelen vragen gingen stellen over hun kostprijs. Esther bracht de 16 miljoen naar 140 goede doelen, maar kreeg geen informatie over de bestemming van het geld. Daarom richtte ze uiteindelijk de donateursvereniging Coins for Care op en banjerde zeven jaar fulltime onbetaald door de goededoelenwereld. “Als een olifant door een porseleinenkast. Je kan je voorstellen dat dat strivestukje nogal lang en hobbelig was.”

Tijdens een goededoelencongres werd Esther overvallen door de gedachte: ‘Er zitten hier allemaal boeven en bobo’s, ik moet hier weg.’ Letterlijk misselijk van wat haar overviel, stapte ze in de auto. Weg van het hele gebeuren wat haar zo frustreerde. Maar zoals zo vaak komen op dat soort momenten de nieuwe inzichten en kansen. Tijdens die autorit hoorde zij een oproep op haar autoradio: “Dit is de laatste dag om je op te geven voor Expeditie Robinson.” Dit was de kans om weg van alles te gaan. “Twee maanden geen telefoon en e-mail. Het leek mij heerlijk. Ondanks dat ik een einzelgänger ben, om de twee uur moet eten en niet van psychologische spelletjes houd.” Drie weken later bevond ze zich met een andere deelnemer in een grot in Maleisië. Na twee weken mochten ze naar de anderen toe die elkaar ondertussen al goed hadden leren kennen en hun positie hadden veroverd. “De productie van het programma maakte mij leider van één van de teams en ik kreeg een matras en immuniteit. Wat volgde was verschrikkelijk, een psychologische oorlog.” Na tien dagen veranderden de regels en kon Esther worden weggestemd. Al vrij snel zat ze in het vliegtuig naar Nederland. Esther: “Het was verschrikkelijk. Ik besefte ondanks de pesterijen dat het niet aan mijn persoonlijkheid lag, maar aan de positie die ik had gekregen van de productie.”

Esther: “Toen de televisie- uitzendingen begonnen in België en Nederland, zag iedereen hoe oneerlijk ik werd behandeld en kreeg ik onwijs veel steun.” Mensen op straat kwamen naar Esther toe en schudde haar de hand, studenten hingen schreeuwend uit het raam: ze was een heldin. Ze kreeg meer dan 10.000 e- mails en de twee mannen die haar op het eiland het leven het meest zuur hadden gemaakt werden belaagd door knokploegen. Esther: “Ik merkte dat onrecht en emoties mensen raken. Die feedback heeft mij zo goed gedaan. Je kunt geen succes voelen als je niet door diepe dalen bent gegaan en daar zelf bent uitgekomen. Je kunt niet van het licht genieten, als het niet donker is geweest. Dat is belangrijk om te onthouden als je een dieptepunt hebt.”

Na het Expeditie Robinsonavontuur besloot Esther een tijd op Curaçao te gaan wonen. Daar werd ze verliefd op, zoals ze het zelf zegt, de grootste playboy van het eiland. Het was wederom een ervaring met ups en downs, maar ze is nog steeds samen met haar ‘foute man’. Esther: “Het is in ieder geval niet saai, ik maak een hoop mee.”

Eenmaal in Nederland wilde ik mijn paspoort verlengen maar bleek dat ik was uitgeschreven bij de gemeente Amstelveen. Ik had veel gereisd en was steeds minder dan vier maanden thuis: dat mag blijkbaar niet terwijl ik nota bene vanwege Coins for Care als ereburger was benoemd.” Vervolgens werd ze ook automatisch uitgeschreven bij de Kamer van Koophandel, had ze geen recht meer op een ziektekostenverzekering, werd haar zakelijke rekening bij de bank gesloten en moest ze haar creditcard inleveren. “Het ging maar door, ik vocht ertegen maar uiteindelijk bedacht ik me dat ik moest omdenken.”

‘Het ging maar door, ik vocht ertegen maar uiteindelijk bedacht ik me dat ik moest omdenken.”

Ik schreef mijn bedrijf in op de British Virgin Islands, waar ik geen belasting hoefde te betalen, en geen uren- en kilometerregistratie moest bijhouden; echt een plezier!” Zo bleek Esther voor ieder probleem een oplossing te vinden, uit de vele strugglefases haalde ze kracht. Esther: “Je begint iedere keer weer aan een nieuwe cyclus, en daar zal iedere ondernemer zich in kunnen herkennen. Je leert jezelf en je grenzen kennen. Je leert waar je goed in bent en creëert doorzettingsvermogen. Ik zeg altijd maar: geniet van je succes, denk in oplossingen en onthoud: geen excuses meer!”

Esther Jacobs spreekt samen met onder andere Ben Woldring 9 juni de 8e editie van ZZPTalks

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Laat een reactie achter

Trends in Interim Management: survey 2016

Ieder jaar peilt consultancyorganisatie & intermediair TriFinance de doelgroep Interim Managers. In het onderzoek worden zelfstandigen gevraagd naar onder andere de competitie tussen Interim Managers, de evolutie in opdrachten en de kanalen waar via zij hun opdrachten werven.

Ook actuele thema’s komen aan bod. Worden bijvoorbeeld technische vernieuwingen gevreesd? En die wet DBA, kan iedereen daaronder zelfstandig blijven?

Omdat een deel van de vragen ieder jaar terugkeert en het onderzoek in zowel Nederland als België al enkele jaren wordt uitgevoerd kunnen er gemakkelijk trends worden ontdekt.

Jij kunt daaraan meewerken door jouw inzichten te delen en de enquête in te vullen. Dit kan anoniem, de interessante inzichten worden onder andere gepubliceerd op de website van TriFinance en hier op ZiPconomy. Als je ervoor kiest je e-mailadres achter te laten ontvang je het gehele rapport.

Benieuwd om te ontdekken wat jouw peers antwoorden? Vul de enquete hier in en je ontvangt in juni nog de resultaten. Vragen kunnen eventueel gericht worden aan communicatie@trifinance.nl

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , | Laat een reactie achter

Uitgave aan interim-managers bij ministeries stabiel

De rijksoverheid gaf vorig jaar 15,5 miljoen euro uit aan interim-managers. De helft daarvan komt voor rekening van het ministerie van Binnenlandse Zaken. Dat blijkt uit de rijksjaarverslagen die deze maand zijn gepubliceerd. Wilbert Geijtenbeek spitte die jaarverslagen voor Management & Consulting door. Hij constateert dat de groei van de uitgaven aan interim-managers in de laatste paar jaren heeft zich niet doorgezet.

Tussen 2009 en 2012 krompen de uitgaven aan interim-management van 25 miljoen euro tot net geen 10 miljoen euro. Tot 2014 herstelde zich de vraag van de staat naar interim-managers op een uitgavenniveau van 15,5 miljoen euro. Op dat niveau lijken de uitgaven te stabiliseren.

Per ministerie zijn de verschillen groot. Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) is grootgebruiker en verantwoordelijk voor meer dan de helft van de totale uitgave aan interim-managers door de rijksoverheid . BZK kocht volgens Geijtenbeek vorig jaar meer interim-management in dan voor de bezuinigingsoperatie die in 2010 aanving.  Tussen 2014 en 2015 groeiden de uitgaven aan interim-managers van BZK met 68 procent.  ‘Hoger dat de oorspronkelijke begroting’ zo staat te lezen in het jaarverslag van BZK. Ook op EZ en Veiligheid & Justitie groeide de uitgaven aan interim-managers fors. De vraag van de ministeries van Infrastructuur & Milieu en van Volksgezondheid Welzijn & Sport daalden daarentegen.

(zie hier voor het volledige artikel op M&C) 

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , | Laat een reactie achter