"Exploring the future of work & the freelance economy"
SLUIT MENU

Uren factureren als zzp’er, dus buiten de veilige haven?

De Zelfstandigenwet moet vooraf duidelijkheid geven over de status van zzp’ers. Maar wie per uur factureert, dreigt buiten de veilige haven te vallen. Wilmar Dik betoogt dat deze eis weinig zegt over ondernemerschap en juist zelfstandigen kan uitsluiten van juridische zekerheid.

De nieuwe Zelfstandigenwet moet vooraf zekerheid geven over zelfstandig werken. Maar wie op basis van zijn gewerkte uren factureert, kan juist buiten die veilige haven vallen. De reden: volgens de memorie van toelichting profiteert iemand die uitsluitend per uur wordt betaald onvoldoende van efficiënter werken. Sneller klaar betekent minder omzet, langer bezig betekent meer betaalde uren.

Zelfs een zorgmedewerker die zes weken veertig uur per week wordt ingehuurd en per uur wordt betaald, voldoet daardoor niet aan dit onderdeel van de werkrelatietoets. Een heel gewone manier van factureren wordt zo een obstakel voor voorafgaande zekerheid.

Uren factureren is normaal

Ipsos I&O onderzocht voor het ministerie van SZW hoe zelfstandigen werken. Van 917 ondervraagde zzp’ers wordt 42 procent uitsluitend op resultaat afgerekend, bij 42 procent spelen zowel resultaat als gewerkte uren een rol en bij 13 procent uitsluitend de uren. Bij 55 procent spelen gewerkte uren dus een rol. Een recente Knab-peiling onder 1.068 zzp’ers wijst dezelfde kant op: 69 procent zegt meestal per uur, dag of dienst betaald te worden.

Als je die 55 procent alleen gebruikt om de orde van grootte zichtbaar te maken, kom je bij ongeveer 1,1 miljoen mensen met zzp als hoofdactiviteit uit op ruim een half miljoen zelfstandigen bij wie gewerkte uren een rol spelen. De onderzoeken meten niet precies hetzelfde en de Knab-peiling is niet representatief voor alle zelfstandigen. Maar duidelijk is wel dat het factureren van tijd bepaald geen uitzondering is.

De redenering in de memorie lijkt vooral geschreven vanuit opdrachten waarbij iemand een vooraf bepaald product oplevert. Bouw een website of schrijf een rapport. Kost dat minder tijd dan verwacht, dan levert een vaste prijs een hoger effectief uurtarief op. Je hebt als zzp’er kans op een beloning voor iets dat achteraf gezien minder tijd kost. Maar je maakt als zzp’er ook kans om meer werk te moeten verrichten. Dit is iets tussen opdrachtgever en de zelfstandige. Maar om daar nou zo veel waarde aan te hechten voor toegang tot veiligheid vooraf is vreemd. 

Tijd is onderdeel van werk

Een beveiliger die als zzp’er van 18.00 tot 02.00 uur voor een evenement wordt ingehuurd, kan om 23.30 uur niet zeggen dat hij efficiënt genoeg is geweest en naar huis gaan. Een verpleegkundige kan een nachtdienst niet sneller afmaken. Een fotograaf die zes uur een congres vastlegt, kan niet na vier uur vertrekken omdat hij efficiënter heeft gewerkt dan iemand met minder ervaring.

Hetzelfde geldt voor trainers, technici, artiesten, interim-professionals en allerlei andere zelfstandigen waarbij tijd en beschikbaarheid onderdeel van het werk zijn. Dan is het vreemd om toegang tot de veilige haven mede afhankelijk te maken van de mogelijkheid om financieel voordeel te behalen door minder uren te werken.

Een ondernemer loopt al risico

Nog fundamenteler is de veronderstelling dat een zelfstandige onvoldoende ondernemersrisico draagt wanneer alle daadwerkelijk gewerkte uren worden betaald. Ondernemersrisico zit helemaal niet alleen in de vraag of één opdracht uitloopt. Er zijn heel veel soorten risico’s, en juist het beperken van een risico door met je opdrachtgever af te spreken dat je factureert op basis van gewerkte uren is een prima en eerlijke afspraak. 

Risico’s van een zelfstandige zitten in een hoop andere dingen. Geen gegarandeerde vervolgopdracht. Een zzp’er besteedt onbetaalde tijd aan acquisitie, kent leegloop tussen opdrachten, krijgt bij ziekte doorgaans niet doorbetaald en investeert zelf in apparatuur, opleidingen, software en marketing. Daar komen risico’s bij als wanbetaling, aansprakelijkheid en het wegvallen van klanten.

De memorie erkent dat zelf ook. Waarom zou dan juist het risico dat een klus meer uren kost dan verwacht zo zwaar wegen dat het factureren van die extra uren toegang tot de veilige haven kan blokkeren?

Nacalculatie is óók ondernemerschap

Werken op nacalculatie kan juist een bewuste vorm van risicomanagement zijn. Een afspraak waarbij alleen gewerkte uren worden gefactureerd, heeft bovendien twee kanten: de zelfstandige krijgt zijn gewerkte tijd betaald en de opdrachtgever betaalt niet voor uren die niet zijn gemaakt. 

Als vooraf niet goed is te voorspellen of een opdracht twintig of dertig uur kost, kan een ondernemer besluiten de werkelijke tijd te factureren. Daarmee voorkomt hij dat tien uur onverwacht meerwerk gratis wordt uitgevoerd.

Juist aan de onderkant van markten, waar tarieven onder druk staan en opdrachtgevers vaak een sterkere onderhandelingspositie hebben, kan dat belangrijk zijn. Urenregistratie maakt zichtbaar hoeveel arbeid daadwerkelijk in een opdracht zit. Afrekenen op basis van een stukprijs kan juist onderbetaling in de hand spelen. En maakt die onderbetaling bovendien minder inzichtelijk. 

Een vaste prijs maakt iemand niet automatisch ondernemender. Zeker niet wanneer vertraging wordt veroorzaakt door de opdrachtgever: informatie komt te laat, beslissingen worden uitgesteld of de opdracht verandert onderweg. Dat ondernemersrisico bestaat, is logisch. Maar dat betekent niet dat een zelfstandige ieder denkbaar risico zelf moet dragen.

In andere landen is urenfacturatie ook geen knock-outcriterium

Ook internationaal valt de Nederlandse keuze op. België is extra interessant, omdat de Nederlandse werkrelatietoets mede is geïnspireerd op de Belgische Arbeidsrelatiewet. De Belgische Commissie Arbeidsrelaties zegt expliciet dat timesheets voor facturatie op zichzelf niet wijzen op gezag. De arbeidsrelatie wordt als geheel beoordeeld. Ook Duitsland beoordeelt zelfstandigheid aan de hand van het totaalbeeld van de werkzaamheden. 

Als je echte zelfstandigen van werknemers wilt onderscheiden, is het wel een heel vreemd middel om juist het betaald krijgen van gewerkte uren zo zwaar te laten wegen bij toegang tot de veilige haven.

Eerst het rooster, nu facturatie per uur?

Vereniging Zelfstandigen Nederland (VZN) stelde eerder dit jaar voor dat een opdrachtgever geen safe harbour zou krijgen wanneer een zelfstandige werkt volgens een vast, vooraf opgelegd rooster zoals bij een werknemer. Daar schreef ik eerder kritisch over in Een zzp-status zonder tariefgrens: wie wordt daar eigenlijk mee beschermd?

Want werken volgens een rooster komt in de zorg, beveiliging, evenementen en allerlei andere sectoren voor zonder dat iemand daardoor automatisch werknemer is. Werken via een rooster of factureren op basis van tijd sluit zelfstandig ondernemerschap op zich niet uit.

Het huidige wetsvoorstel bevat die roostereis niet in dezelfde vorm. Maar via een andere route verschijnt nu een criterium dat dezelfde mensen kan raken: wie zijn daadwerkelijk gewerkte tijd factureert, kan de veilige haven mislopen.

Is de eerdere roostereis nu vervangen door een criterium rond urenfacturatie dat deels dezelfde zelfstandigen buiten de veilige haven kan houden? Het effect is opvallend vergelijkbaar. Juist beroepen waarin aanwezigheid gedurende bepaalde uren noodzakelijk is, krijgen opnieuw te maken met een criterium dat slecht aansluit bij de manier waarop het werk in de praktijk wordt georganiseerd.

Dat wordt extra interessant door een recente bijdrage van Loe van Erp, bestuurslid van VZN en directeur van SoloPartners. Hij stelt in Zorgvisie de vraag: “Als zelfstandig werken in de zorg nauwelijks meer mogelijk is, wie gaat het werk dan doen?”

Juist een bestuurder van VZN kan zich er nu hard voor maken dat betaling uitsluitend op basis van gewerkte uren op zichzelf geen uitsluitingsgrond wordt voor de veilige haven. Het voorstel ligt immers nog open voor verandering. Hoeveel zelfstandigen raken we kwijt als we de veilige haven zo vormgeven dat normale manieren van werken, zoals uren factureren, een belemmering worden?

Een idee dat in het artikel niet als oplossing terugkomt: zorg dat werken via een rooster of factureren op basis van gewerkte uren geen uitsluitingsgrond wordt voor de veilige haven. Dan hoef je helemaal niet te vragen wie het werk dan gaat doen.

Contractneutraliteit komt hiermee verder weg te liggen

De Europese lijn is duidelijk: ook zelfstandigen moeten toegang hebben tot adequate sociale bescherming. Beginsel 12 van de Europese pijler van sociale rechten bepaalt dat werknemers en, onder vergelijkbare voorwaarden, zelfstandigen recht hebben op adequate sociale bescherming. De Raad van de EU benadrukt bovendien dat die bescherming daadwerkelijk toegankelijk en toereikend moet zijn. Bij zelfstandigen moet daarbij rekening worden gehouden met hun draagkracht, inkomensschommelingen en werkelijke inkomsten. 

In 2023 riep de Raad lidstaten opnieuw op zelfstandigen een beschermingsniveau te bieden waarmee zij een behoorlijke levensstandaard kunnen behouden en niet in armoede terechtkomen. Dat betekent niet dat werknemers en zelfstandigen dezelfde regelingen moeten hebben. Wel dat adequate sociale bescherming ook voor zelfstandigen daadwerkelijk bereikbaar moet zijn.

Juist daar kan de Zelfstandigenwet gaan knellen. Wie buiten de veilige haven valt, kan juridisch nog steeds zelfstandige zijn. Uit de eigen SZW-peiling blijkt bovendien dat 41 procent van de opdrachtgevers de persoon waarschijnlijk niet meer inzet wanneer die volgens de voorgelegde criteria niet meer als zzp’er kan worden ingezet.

De veilige haven kan daardoor in de praktijk veel meer worden dan alleen juridische zekerheid vooraf. Als een zelfstandige die verder gewoon ondernemer is die zekerheid misloopt omdat hij zijn gewerkte uren factureert, wordt een normale facturatiemethode ineens medebepalend voor zijn toegang tot opdrachten.

Dat brengt contractneutraliteit niet dichterbij. Verschillen tussen werknemer en zelfstandige mogen bestaan, maar bescherming en toegang tot werk zouden niet onnodig afhankelijk moeten worden van de contractvorm of de manier waarop gewerkte tijd wordt afgerekend.

Beoordeel het ondernemerschap, niet de factuur

Voor eigen rekening en risico werken hoort bij zelfstandig ondernemerschap. Daar hoeft niets aan te veranderen. Maar een zelfstandige hoeft niet binnen iedere afzonderlijke opdracht het risico lopen dat extra uren onbetaald blijven.

Een zzp’er loopt al genoeg ondernemersrisico: zelf opdrachten vinden, investeren, aansprakelijkheid dragen en omgaan met ziekte, leegloop en het ontbreken van vervolgwerk. Of een ondernemer vervolgens werkt met een vaste projectprijs, dagtarief of nacalculatie per uur, zou daarom niet doorslaggevend moeten zijn. Wie ieder gewerkt uur factureert, is niet minder ondernemer. De zzp’er kiest er alleen voor het risico op onverwacht meerwerk niet volledig zelf te dragen.

Meer verantwoordelijkheid vraagt om voldoende verdienvermogen

Als de Zelfstandigenwet een bruikbare veilige haven wil bieden, moet zij ondernemerschap herkennen zoals het in de praktijk bestaat. Factureren op basis van gewerkte uren is daarvoor een slechte scheidslijn.

Nu dreigt de veilige haven juist een middel te worden om grote groepen zelfstandigen richting loondienst te duwen: daar zit immers de meeste zekerheid. En precies dat is het probleem. Bescherming en zekerheid zouden niet alleen via loondienst bereikbaar moeten zijn. Ook zzp’ers zouden, ongeacht de sector, voldoende verdienvermogen moeten hebben om pensioen, ziekte en arbeidsongeschiktheid zelf goed te kunnen regelen. Zekerheid over je juridische status is nog geen bestaanszekerheid.

Wie zelfstandigen meer verantwoordelijkheid geeft, moet ook zorgen dat zij genoeg kunnen verdienen om pensioen, ziekte en arbeidsongeschiktheid zelf te regelen, ongeacht de sector. Als een sector dat niet zelf kan of wil organiseren, kan een goed berekende tariefondergrens voorkomen dat zelfstandigen structureel onder een economisch houdbaar niveau werken.

Wilmar Dik is fotograaf, cameraman en actief pleitbezorger voor de positie van zelfstandigen in Nederland. Sinds 2008 werkt hij als zelfstandig professional en combineert hij zijn praktijkervaring met publicaties over ondernemerschap, marktwerking, tariefvorming, fotografie, marketing en duurzame verdienmodellen voor zzp’ers. Hij schrijft regelmatig over werken als zelfstandige en over de economische realiteit achter het ondernemerschap. Vanuit die betrokkenheid zet hij zich actief in voor realistische en uitvoerbare oplossingen die bijdragen aan een economisch houdbare positie van zelfstandigen. Bij de NVJ is hij vertegenwoordiger in het beleidsteam Werkvoorwaarden namens de ledengroep NVF/Beeldmakers. Daarnaast is hij als zelfstandig specialist betrokken bij de Ketentafel Fotografie (fairPACCT). Bekijk alle berichten van Wilmar Dik

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *



×