"Exploring the future of work & the freelance economy"
SLUIT MENU

Schaarste op de arbeidsmarkt, hoe lang nog?

De oververhitte arbeidsmarkt lijkt op een kantelpunt beland, constateert Geert-Jan Waasdorp in deze blog. Het is zeer aannemelijk dat de arbeidsmarkt in de komende maanden verder afkoelt. Maar hoe erg is dat eigenlijk? ‘Een kopje thee drink je ook het liefst bij 55 tot 60 graden.’

Stel, je steekt je vinger in een kopje thee van 95 graden of 90 graden. In beide gevallen zul je hem er zo snel mogelijk uithalen. Toch is het ene kopje thee echt 5 graden kouder dan het andere kopje. Alleen: je zult het verschil (nog) niet merken.

Het is de vraag of de arbeidsmarkt momenteel niet serieus afkoelt.

Zo is het nu ook exact op de arbeidsmarkt. De krapte en schaarste zijn zó groot, dat ondanks dat er nu ‘verkoeling’ plaatsvindt, we dit nog niet ervaren. Maar het is wel de vraag hoe lang dat het geval is en of er ondertussen geen serieuze verkoeling aan het plaatsvinden is.

Welke signalen zien we?

Bij Intelligence Group zagen we begin februari al dat de arbeidsmarktactiviteit van de Nederlandse beroepsbevolking met 0,4% was gestegen naar 11%. Dat is nog steeds bijzonder laag, maar er was al wel meer aanbod op de arbeidsmarkt. Ook het tekort aan arbeidskrachten en de vacature-indicator (beide van het CBS) laten een dalende trendlijn zien (ook al is het absolute tekort hier ook nog heel groot).

Afgelopen week meldde ook Indeed een eerste stabilisatie van de vacaturemarkt. In januari waren er nog 44% meer vacatures dan vóór covid, in februari waren dit er 42%. Een tijdseffect is niet uit te sluiten, aangezien februari 3 dagen korter is van januari. Maar toch. Veel signalen wijzen dezelfde richting in. En dat is dat de arbeidsmarkt over zijn hoogtepunt heen is, terwijl tegelijkertijd de absolute krapte en schaarste nog immens groot zijn.

Verdere afkoeling op de arbeidsmarkt

Het is zeer aannemelijk dat de arbeidsmarkt in de komende maanden verder afkoelt, al is het einde van de schaarste nog voor komende zomer onwaarschijnlijk. Maar er zijn wel een aantal ontwikkelingen die zand gooien in de machinerie.

#1. De oorlog in Oekraïne

De oorlog zelf, de economische sancties en het verder verstoren van de internationale distributieketens zal niet zo disruptief zijn als in maart 2020, toen corona haar intrede deed in Nederland. Toch zal het effect aanzienlijk zijn in de vraag naar personeel. Als de oorlog zich zal uitbreiden, zal dat zelfs direct zeer disruptief zijn en gelden geen van bovenstaande spelregels van vraag, aanbod en schaarste nog. In dat geval verandert de arbeidsmarkt compleet en direct.

#2. Inflatie en koopkrachtverlies

Momenteel explodeert de inflatie en het einde daarvan is nog niet in zicht. Met name de energie- en voedselprijzen stijgen snel, maar ook de prijzen van grondstoffen liggen serieus hoger. Dat zal effect hebben voor alle producten die consumenten kunnen kopen. Werkgevers passen dit verschil nog niet bij (de loonstijging in cao’s is nu ‘slechts’ 2,6%) zodat op korte termijn sprake is van koopkrachtverlies. Met de onzekerheid op internationale markten is het onwaarschijnlijk dat werkgevers dit verschil gaan dichten. Dit zal tot toenemende onrust op de arbeidsmarkt leiden, maar niet tot veel extra beweging bij mensen met een cao, vanwege de onzekere periode en de geringe bereidheid om afstand te doen van verworven zekerheden en hun ontslagbonus (lees: transitievergoeding).

#3. Concurrentie op salaris/lonen

In de beroepen en sectoren waar de invloed van cao’s kleiner is, zien we nu dat werkgevers elkaar meer en meer op salaris beconcurreren. Nu de hub in Oekraïne wegvalt, gaat deze ontwikkeling zeker in de IT-branche door. Ook binnen techniek en bij zzp’ers (uurtarieven) is deze ontwikkeling gaande. De stijgende salarissen binnen de ‘vrije sector’ komt de komende maanden wel meer tot stilstand is mijn verwachting. Investeringen worden uitgesteld en werkgevers gaan misschien wat meer pas op de plaats maken. Enerzijds omdat zij zich sowieso al niet zo senang voelen bij deze ontwikkeling; anderzijds door de onzekerheid in de markt, waardoor ze extra voorzichtigheid betrachten.

En verder…

Er zijn ook andere zaken die de arbeidsmarkt negatief zullen beïnvloeden. Denk aan het aantal faillissementen dat zal toenemen, de frictie tussen werkgevers en werknemers rondom hybride werken, het torenhoge ziekteverzuim en het verlies aan productiviteit. Ook een op slot zittende huizenmarkt draagt natuurlijk niet bij aan een gezonde dynamiek. Kortom: de verkoeling is ingezet. De vraag die ons rest is hoe snel deze verkoeling zal gaan. Mijn voorspelling is dat rondom de zomer de arbeidsmarkt van zijn grootste krapte af is.

Krapte door vergrijzing? Get real!

Veel gehoord argument is dat de schaarste structureel is vanwege de vergrijzing. In numerieke zin (aantal werknemers) klopt deze redenatie, aangezien een met pensioen gaande onderwijzer of verpleegkundige echt moet worden vervangen. Maar in veel beroepsgroepen en sectoren is deze één-op-één-vervangingsvraag veel kleiner of zelfs niet aanwezig. De markt voor één-op-één-vervanging door vergrijzing is veel minder groot dan gedacht (uitgezonderd bij dienstverlenende beroepen, niet te verwarren met dienstverlenende sectoren).

Niets is zo voorspelbaar als vergrijzing; je ziet het al járen aankomen.

Daarbij is niets zo voorspelbaar als vergrijzing (je ziet het al jaren aankomen – zodat je je dus kunt voorbereiden), is er nauwelijks een actieve arbeidsmarkt voor 50-plussers (er is simpelweg geen vraag én geen aanbod), en werkt een groot gedeelte überhaupt niet tot zijn of haar pensioengerechtigde leeftijd, laat staat fulltime. Dit laatste wordt versterkt door de FIRE-trend (Financial Independent Retire Early), waarbij mensen ervoor kiezen om bijvoorbeeld van de overwaarde op hun huis lekker van het leven te gaan genieten. Dat geldt natuurlijk alleen voor het ‘gelukkige’ deel van de arbeidsmarkt, maar Klaas Knot noemde Nederland op 31 januari niet voor niets ‘een renteniersland‘.

 

Kortom: het effect van vergrijzing op de arbeidsmarkt is er wel degelijk. Maar het is lang niet zo groot als velen ons willen doen geloven. Daarbij is er meer dan voldoende te winnen in arbeidsparticipatie, het aantal uren dat mensen werken en een betere aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt. Dat is ook terug te zien in de recente analyse van Intelligence Group in het FD, waaruit bleek dat nu 100.000 MBO’ers worden opgeleid voor een beroep met een lage en beperkte baankans. Aan deze knoppen draaien; dát heeft pas zin om te krapte te bestrijden.

Is er dan ook goed nieuws?

Is er dan ook goed nieuws? O ja, natuurlijk. Een kopje thee van 90 graden smaakt helemaal niet lekker. Groene thee is het lekkerste bij 80 graden, maar de meeste mensen drinken hem toch het liefste bij 55 tot 60 graden. Kortom: een beetje normalisatie en stabilisatie op de arbeidsmarkt kan geen kwaad. Sterker nog: het is hard nodig. Net zoals de meeste mensen hard nodig zijn om de arbeidsmarkt goed te laten draaien. Daarbij zullen we nog vele fricties moeten oplossen en zullen vanzelf weer nieuwe fricties ontstaan. Dat is maar goed ook. Anders konden we niet voorspellen, en hoefden we ook geen blogs meer te schrijven…

Geert-Jan Waasdorp is oprichter van Intelligence Group, het onderzoeks- en databureau gespecialiseerd in arbeids­markt­communicatie en recruitment en de Academie voor Arbeids­markt­communicatie. Bekijk alle berichten van Geert-Jan Waasdorp