Annet Maseland 29 april 2026 0 reacties Print Personeel delen in zorg en onderwijs is complex: heeft Flair de sleutel gevonden?Zorginstellingen zijn al jarenlang op zoek naar constructies om hun personeel te delen en flexibel in te zetten, als alternatief voor zzp en uitzenden. Het Brabantse Flair lijkt na twee jaar puzzelen de oplossing in handen te hebben. Maar komen de zzp’ers over de brug?Regionaal werkgeverschap voor zorginstellingen wordt sinds jaar en dag gepresenteerd als de heilige graal tegen het personeelstekort. Want kun je niet beter samenwerken in plaats van concurreren om het schaarse zorgpersoneel? En hoewel zorginstellingen en overheid graag willen, en er op veel plekken pilots verrezen, kwam het nog nergens serieus van de grond. Sterker nog: de regionale flexpools in Gelderland (Werkgeverij), RITZ (West-Brabant) en Flexpertise (Apeldoorn) zijn na enkele jaren weer stopgezet. Gedeeld werkgeverschap blijkt te veel rompslomp voor het handjevol externen dat de stap naar de regionale pool wilde maken. Belangrijk obstakel: btw-heffing Een belangrijk obstakel bij het opzetten van zo’n regionale samenwerking is de btw-heffing. Zorgverlening is net als onderwijs, vrijgesteld van btw. Maar zodra zorginstellingen samenwerken en personeel uitwisselen, leidt dat al snel tot een heffing van 21% btw. Dit geeft hogere (extra) kosten, aangezien de verschuldigde btw meestal niet kan worden verrekend of gecompenseerd. Die btw-heffing is dan ook een van de voornaamste knelpunten waar non-profitorganisaties tegenaan lopen als zij willen samenwerken. Btw-vrij personeel uitwisselen kan wel, maar onder strikte voorwaarden, zegt Matthijs van Ooij, btw-specialist bij BDO. Zo is een btw-vrijstelling in principe mogelijk voor intramurale zorginstellingen. Een groot nadeel: die collegiale uitleen mag alleen binnen dezelfde branche, dus een ziekenhuis mag niet uitlenen aan een thuiszorgorganisatie of een huisartsenpraktijk. Bovendien moet een nieuwe constructie afgestemd worden met de Belastingdienst, wat maanden tot jaren kan duren. Lees ook: Hoe blijven zelfstandige zorgprofessionals duurzaam inzetbaar? Een andere optie is de pot-pool-overeenkomst, een loondienstverband waarbij samenwerkende zorginstellingen samen één arbeidsovereenkomst sluiten met een zorgmedewerker en de salariskosten verdelen. Huisartsen doen dat vaak op die manier: zij delen in hun praktijk de assistent of praktijkondersteuner. Maar die optie is minder geschikt voor een regionale flexpool, volgens Van Ooij. Flair: regionaal werknemerschap Het is een complex dossier, zegt Jeroen Swanen, initiatiefnemer van coöperatie Flair. Eerder richtte hij FAIR op, een coöperatie voor gezamenlijke inhuur van zzp door zorginstellingen in de regio Zuid-Oost Brabant. Sinds dit jaar bestaat Flair, waarbij nu ook zorgpersoneel in loondienst wordt uitgewisseld. In Brabant en Utrecht zijn coöperaties live gegaan. Aan Flair ging twee jaar overleg vooraf: met bestuurders, de ministeries van VWS en SZW, de Belastingdienst, een legertje juristen en de ACM. Want er moesten verschillende hordes worden genomen. Om te beginnen die btw. Swanen: “We konden niet zoveel met het collegiale in- en uitleenmodel, waar de meeste regionale flexpools mee werken. We willen namelijk óók tussen de verschillende branches kunnen uitwisselen. Regionaal werkgeverschap was evenmin een optie, dat werd juridisch te ingewikkeld.” Het model van Flair is zo simpel mogelijk gehouden. Regionaal werknemerschap, noemt Swanen het. “De werknemer sluit verschillende overeenkomsten met verschillende zorginstellingen, net zoals een zzp’er dat doet. Op die manier komt het hele btw-vraagstuk helemaal niet aan de orde. De zorginstelling is de werkgever, maar Flair neemt als serviceorganisatie alle rompslomp uit handen: van verzuim en planning tot het personeelsdossier en disfunctioneren.” ACM: oneerlijke concurrentie? Maar daarmee was Flair er nog niet. De volgende hobbel was oneerlijke concurrentie. Want is deze vorm van btw-vrij uitlenen oneerlijke concurrentie voor de flexbranche? Volgens Swanen is dat niet het geval: “We hebben ons construct in alle openheid aan de mededingingsautoriteit ACM voorgelegd. We geven uitvoering aan de cao, en dat mag ook samen. Daarmee beconcurreren we de arbeidsbemiddeling niet. We maken geen kartelachtige afspraken over verloning. Kortom: de ACM zag geen problemen.” Lees ook: De handhaving op schijnzelfstandigheid in de zorg lijkt minimaal, maar onder het oppervlak borrelt het Arbeidsrechtelijke hobbels Vervolgens waren er nog flink wat arbeidsrechtelijke hobbels, zegt Swanen. Hoe ga je om met HR-vraagstukken als vakantie, verlof, ziekte, werkkostenregeling en pensioen? “Dat hebben we deels ondervangen door alles financieel te maken via een all-in loon. Behalve het pensioen, wat wettelijk niet mag.” De privacy van de medewerker in geval van ziekte bleek het heetste hangijzer. Dat werd uiteindelijk opgelost met een eigen arbodienst. Verzuimbegeleiding blijft een heikel punt, constateert Swanen. “Werkgevers vinden het lastig om dat uit handen te geven.” Inmiddels zijn er tientallen werkgevers in de regio Brabant en Utrecht over de streep. Nu de zzp’ers nog, want daar was het Flair immers om te doen. “De eerste aanmeldingen stromen druppelsgewijs binnen”, zegt Swanen. “Maar we doen het rustig aan. We kunnen in de eerste maanden sowieso nog geen honderden aanmeldingen aan. De eerste drie jaar zien we als experimenteerperiode. Werkt het niet, dan staan de mensen al op de loonlijst. In die zin is het een tamelijk risicoloze onderneming.” De heilige graal voor non-profit: de koepelvrijstelling Btw-specialist Matthijs van Ooij van BDO vindt Flair een mooie oplossing voor btw-vrijgestelde sectoren, vooral voor de zorg, waar veel zzp’ers werken. Overigens zit er misschien een betere oplossing in de pijplijn: de koepelvrijstelling. “Volgens Europese wetgeving geldt een btw-vrijstelling voor koepels die prestaties leveren aan hun leden. Denk aan een coöperatie van zorginstellingen die personeel uitleent aan zijn leden tegen kostprijs. In Nederlandse wetgeving staat dat het uitlenen van personeel hiervan is uitgezonderd. Maar volgens Europese rechtspraak mag je dat niet categorisch uitsluiten. We verwachten en hopen dat de wet wordt aangepast. Tot die tijd is Flair een mooie oplossing.” FlexZo: net weer even anders Ongeveer gelijktijdig met Flair begon in de regio rond Den Helder een nieuw samenwerkingsverband. FlexZo is sinds 1 april 2026 live. Deze personeelspool is anders dan Flair wél gebaseerd op collegiale in- en uitleen. “Het nadeel daarvan is dat je niet domeinoverstijgend kunt werken”, zegt coördinator Claudia Verheggen. “Dat hebben we opgelost door verschillende pools op te zetten voor ziekenhuizen, gehandicaptenzorg en vvt (verzorging, verpleging en thuiszorg). Iedereen heeft één contract bij een van de deelnemende organisaties. Met dat contract en een addendum kunnen ze bij alle organisaties werken. Medewerkers zien alle openstaande diensten van al die organisaties.” Een voorwaarde om het te laten slagen is dat organisaties de noodzaak voelen en veranderbereid zijn, benadrukt ze. “Waar je eerst concurreerde om personeel, moet je nu organisatieoverstijgend durven werken. Recruiters moeten bijvoorbeeld bereid zijn nieuwe medewerkers die regionaal flexibel willen werken, door te spelen aan FlexZo. Daarnaast moeten interne processen, zoals facturatie, verloning en planning, op elkaar worden afgestemd.” De werkgevers zijn enthousiast. Nu de zzp’ers nog. De eerste werknemers en externe medewerkers (zzp’ers) worden nu geworven via de socials van de deelnemende organisaties. Lees ook: Waarom Haidy James stopte als zzp’er: ‘Zorg moet weer uitvoerbaar worden’ Waarom Flexpertise stopte Het is overigens niet de eerste keer dat Verheggen zo’n samenwerking opzet. Eerder trok ze de kar bij de regionale personeelspool Flexpertise Zorg, waarin vijf vvt-instellingen in Apeldoorn samenwerkten. Maar die werd stopgezet. “Succesvol was het zeker, daar lag het niet aan. We hadden 55 flexmedewerkers”, blikt ze terug. Dat het toch stopte, was een samenspel van factoren. “Flexpertise was een van de eerste regionale flexpools in de zorg. De opstart duurde lang. Zzp’ers maakten niet zoals gehoopt en masse een beweging naar loondienst. En er bestond twijfel of de flexmedewerkers zo flexibel waren dat ze bij alle organisaties wilden werken. Want dat was wel waarom het begonnen was. Ik had daar zelf wel alle vertrouwen in overigens.” Gaan zzp’ers nu wél overstappen? De grote vraag is: gaan zzp’ers nu wél massaal overstappen? Werken met zzp’ers durven en willen zorginstellingen niet meer, zegt Verheggen. Daar ligt het niet aan. “We hebben gevraagd waarom zzp’ers niet in loondienst werken. Ze zoeken vrijheid in uren, regie over het werk, werk-privébalans, afwisseling in werk en een hoger salaris. Op het gebied van flexibiliteit en vrijheid bieden we dat allemaal. Een hoger salaris kunnen we niet bieden, en dat speelt zeker een rol. Maar ze zijn ook huiverig om terug te keren in loondienst. Sommigen zijn zwaar teleurgesteld in de zorg. Het was hard werken, met weinig tijd voor bewoners. Dat willen ze niet meer.” Stroomschema: btw-vrij uitwisselen van personeel Het ministerie van VWS heeft samen met werkgeversorganisaties en andere partijen een stroomschema gepubliceerd waarin duidelijk wordt wat er mogelijk is op het gebied van btw-vrij uitwisselen van personeel. Het schema is te vinden op de website van RegioPlus. ZZP-er in de zorg Print Over de auteur Over Annet Maseland Annet Maseland is redacteur bij ZiPconomy. Bekijk alle berichten van Annet Maseland
achtergrond - De handhaving op schijnzelfstandigheid in de zorg lijkt minimaal, maar onder het oppervlak borrelt h...