betaaltermijnen betaling

Opdrachtgever die niet binnen 60 dagen betaalt, krijgt voortaan boete

Dankzij een nieuwe wet hoeven kleine bedrijven minder lang op hun geld te wachten als ze zaken doen met grote partijen. Doen grote bedrijven er toch te lang over, dan moeten ze een boete betalen.

Het is waarschijnlijk het grootste succes tot nu toe van ondernemersclub ONL. Ze zijn er dan ook al ruim twee jaar mee bezig, de helft van de tijd dat de vereniging bestaat. En de Tweede Kamer heeft er eerder dit jaar ook al mee ingestemd. Maar sinds deze week is het dan officieel zover: er ligt nu een heuse wet die het grote bedrijven dwingt sneller te betalen. En doen ze dat niet, dan hangen er boetes boven het hoofd.

Leverancier is nu ‘geen bank meer’

ONL-voorzitter Hans Biesheuvel spreekt van ‘een mijlpaal’. Volgens hem kunnen grote bedrijven hun kleine leveranciers nu ‘niet meer als bank gebruiken’ zonder daarvoor rente te betalen. Officieel kon dat al niet, tenminste: bedrijven konden niet eenzijdig de betalingstermijnen verruimen tot langer dan 60 dagen, maar Biesheuvel zegt dat het in de praktijk toch veelvuldig voorkwam. ‘Ik ken maar weinig ondernemers die het risico durven te lopen dat hun producten niet meer in de schappen van een grote supermarktketen staan, omdat ze besloten naar de rechter te gaan.’

Langer dan 60 dagen wordt nietig verklaard

Het pleidooi van Biesheuvel vond enige tijd geleden politiek gehoor bij Tweede Kamerlid Agnes Mulder (CDA), en voormalig Kamerlid Mei Li Vos (PvdA). De huidige wet is daarvan het gevolg.  In de wet staat dat overeenkomsten waarbij grote bedrijven alsnog besluiten betaaltermijnen langer dan 60 dagen af te sluiten, nietig verklaard worden. Vervolgens worden ze van rechtswege omgezet in 30 dagen, wat overigens al de geldende norm in de wet is. Wordt de factuur pas daarna betaald, dan moet de afnemer 8 procent rente betalen over de termijn die de 30 dagen overschrijdt.

Belang ook op lange termijn gediend

Mkb’ers en zzp’ers worden zo beschermd tegen ‘grote bedrijven die misbruik maken van hun inkoopmacht door de betalingstermijnen op te schroeven’, zegt Biesheuvel. Volgens hem is hiermee ‘het belang van vele ondernemers ook op lange termijn gediend.’ In de praktijk waren betaaltermijnen van 90 tot 120 dagen vaak eerder regel dan uitzondering. Daardoor kwamen veel kleine ondernemers en zzp’ers in de betalingsproblemen, en ontstond een hele domino-keten aan uitstel op uitstel. Ruim de helft van alle mkb-aannemers en gespecialiseerde aannemers met een leveranciersrelatie met grote hoofdaannemers kreeg bijvoorbeeld problemen met te late betalingen, bleek destijds uit onderzoek. Met dit wetsvoorstel moet daar een eind aan komen, aldus Agnes Mulder (CDA). ‘Op tijd betalen is tenslotte normaal’, zegt zij.

Wat is een grote en wat een kleine onderneming?

De wet is uitdrukkelijk bedoeld om de kleintjes te beschermen tegen de macht van de grote jongens. Onder ‘groot’ wordt dan verstaan: minstens 40 miljoen omzet, minstens 20 miljoen activa op de balans en gemiddeld meer dan 250 werknemers. ‘Klein’ en ‘middelgroot’ zijn volgens de definitie de bedrijven die hooguit aan één van deze criteria voldoen. De wet geldt dus niet voor kleinere bedrijven die onderling met elkaar zaken doen. De wet geldt op dit moment bovendien alleen voor alle (nieuwe) contracten die vanaf 1 juli dit jaar worden aangegaan. Voor bestaande contracten hebben afnemers en leveranciers tot 1 juli 2018 de tijd om de betaaltermijnen aan te passen. Vanaf 1 juli volgend jaar moeten dus ook alle bestaande contracten aan de nieuwe wetgeving voldoen.

 

Peter Boerman was tot eind (eind)redacteur bij ZiPconomy. Hij is hoofdredacteur van Werf& ; over arbeidsmarktcommunicatie en recruitment. Hij is gefascineerd door de vraag hoe menselijk talent en organisaties bij elkaar worden gebracht, en wil met zijn verhalen bijdragen aan een wereld waarin mensen zoveel mogelijk van hun potentie kunnen verwezenlijken. Bekijk alle berichten van Peter Boerman