"Exploring the future of work & the freelance economy"
vakbond zzp zelfstandige

Het probleem is niet flexibilisering. Het probleem is slechte flexibilisering!

In een wereld waarin zowel de positie werknemers als zelfstandig verslechtert, is een rol van de vakbond hard nodig. Pleidooi van Mark Bassie en Etienne Lemmens.

Self-employment is neither inherently good nor bad. It can represent entrepreneurial zeal and a highly desirable culture of self-reliance. It can also be deeply negative, allowing companies to evade responsibility for their workers’ wellbeing and increase their profits. Uit: Self-employment and the gig economy (april 2017- rapport UK Government) 

Kritiek op de vakbond

Het zal met het weer te maken hebben. Toen de temperatuur ging stijgen, verschenen op ZiPconomy opeens kritische artikelen over de FNV, waar wij zzp’ers lid van zijn. Eerst een artikel waarin werd gesuggereerd dat de FNV een deal heeft met de werkgevers: ‘Houden jullie ze arm, dan houden wij ze afhankelijk’. Vervolgens een artikel van PZO-voorman Denis Maessen met als kop ‘Hoe sociaal zijn de vakbonden eigenlijk nog?’. In dit artikel doet PZO een oproep aan de bonden om gedwongen zelfstandigen te steunen bij het vinden van een vaste baan. Alsof bonden al niet automatisch kiezen voor alle werkenden die steun nodig hebben en in een underdog-positie zitten.

Maar misschien was de aanleiding voor deze artikelen toch eerder een reactie op het interview in het AD met de nieuwe FNV-voorzitter Han Busker onder de kop ‘FNV: stop flexwerk, anders volgen acties’.

Alleen ging het in dit interview nauwelijks over zzp’ers maar veel meer over de toenemende onzekerheid voor werknemers als gevolg van flexibilisering zoals onzekerheid over je loon en hoe lang je nog werk zult hebben bij je werkgever omdat je contract elk moment kan worden beëindigd.

Flex als onontkoombare natuurwet?

Menig discussie gaat uit van flexibilisering als een onontkoombare natuurwet, noodzakelijk in een onvoorspelbare wereld. Verfrissend was dan ook het pleidooi van arbeidssocioloog Fabian Dekker onlangs in Trouw met als kop ‘Te veel flexwerk maakt Nederland tot lagelonenland’. Hij wijst erop dat flexibilisering veel meer een sociale norm of een gewoonte is geworden in plaats van een economische noodzaak. In internationale vergelijkingen staat Nederland bovenaan in de zzp- en flexibiliseringsranglijsten.

De Europese Commissie zet daar vraagtekens bij, net zoals de WRR (Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid) al eerder deed. Het is dus bepaald niet zo volgens deskundigen en instanties dat toenemende flexibilisering de oplossing is voor de toekomst van onze economie. Nog los van het gegeven dat nog steeds 65% (in 2014) van alle werkenden in dit land een vast contract heeft. Dat percentage daalt wel langzaam, maar het is dus niet vreemd dat een vakbond dit probeert te beschermen voor haar achterban.

De sociale zekerheid komt onder druk komt te staan door de grotere aantallen onverzekerden, grotendeels zelfstandigen.

Voor beide kanten van dit spectrum valt wat te zeggen en valt er wat op af te dingen. Er zijn dus nog veel vaste contracten. Maar de achterban van de vakbonden neemt af en vergrijst. Globalisering en andere economische trends zijn volgens hen debet aan de werkonzekerheid van werknemers. De looninkomensquote, het aandeel van de loonsom van werknemers in relatie tot de toegevoegde waarde van economische bedrijvigheid, neemt al decennia af in de geïndustrialiseerde landen. En de vakbond, en overigens niet alleen de FNV, ziet met lede ogen aan dat de sociale zekerheid onder druk komt te staan door de grotere aantallen onverzekerden, grotendeels zelfstandigen.

Aan de andere kant wordt gesteld dat de vakbond met haar strijd tegen flexibilisering met de rug naar de toekomst toe staat en een achterhoedegevecht levert. Dat de markt onvoorspelbaar is en dat iedereen open moet staan voor meer flexibilisering.

Positie van zowel werknemers als zelfstandig verslechtert

Het grote probleem volgens ons is de precarisering – de grote mate van verslechtering- van de positie van de productiefactor arbeid. Dit geldt zowel voor zelfstandigen als de werknemers onder de CAO. Niet alleen de looninkomensquote daalt, maar ook de arbeidsinkomensquote daalt al decennia. De arbeidsinkomensquote is de verhouding tussen enerzijds de inkomsten van de productiefactor arbeid (werknemers én zelfstandigen) en anderzijds de toegevoegde waarde van bedrijven. De inkomens van werknemers en zelfstandigen zijn dus geen zero-sum game. Wat er bij de werknemers afgaat door flexibilisering komt er niet automatisch bij de zzp’ers bij. Beide groepen hebben last van precarisering.

Heel begrijpelijk dat de FNV hier paal en perk aan wil stellen.

Dit vreet aan de zekerheid van individuele werkenden (werknemers én zelfstandigen) en uiteindelijk die van de hele samenleving. In sommige sectoren worden werknemers ontslagen en met behulp van fiscale regelingen (zelfstandigenaftrek) goedkoper ingehuurd om hetzelfde werk te doen. Maar ook aan de onderkant van de arbeidsmarkt zijn nieuwe precaire contractvormen ontstaan (nuluren-, oproep- en andere contracten) die de inkomenszekerheid van mensen aantasten. Werkgevers/opdrachtgevers gaan op zoek naar het laagste punt. Juist deze verwerpelijke vormen van flexibilisering zijn de afgelopen jaren het hardst gegroeid. Heel begrijpelijk dat de FNV hier paal en perk aan wil stellen.

Risico flex niet in prijs verwerkt

Met betrekking tot de positie van de zzp’ers valt bovendien iets op. Wanneer je een vliegticket of een hotelkamer boekt met een vaste vertrekdatum betaal je minder vergeleken met een ticket waarmee je later de vertrekdatum kunt bepalen. Voor flexibiliteit betaal je dus meer. Voor zzp’ers geldt dat zij elke dag leven met een stuk onzekerheid en dat daarvoor ook een hogere vergoeding mag worden gevraagd en ontvangen, nog los van het punt dat je als zzp’er geacht wordt je eigen pensioen, AOV e.d. te betalen.

Dus, waarom geldt het principe dat je voor flexibiliteit meer betaalt niet voor alle lagen van de arbeidsmarkt?

Vakbond hard nodig

Natuurlijk zijn er genoeg zzp’ers die zich prima redden. De meerderheid zelfs, denken wij. Die kunnen lid worden van de FNV vanwege de uitstekende juridische dienstverlening, vanwege inkoopvoordelen of gewoon uit solidariteit met werkenden die minder succesvol zijn dan zij.

Maar als het gaat om uitbuiting, dwang, lage tarieven, geen onderhandelingspositie of afbraak van verworven rechten, dan hebben veel zzp’ers hier helaas ervaring mee. Dan is krachtenbundeling in Den Haag en de polder toch nodig. Wij denken niet dat de meeste ingehuurde postbestellers bij PostNL, de schoonmaaksters of beveiligingsbeambten bij Schiphol of de zelfstandige tolken en vertalers in hun eentje in staat zijn om voor hun eigen belangen op te komen. Soms is het noodzakelijk dat een vakbond dat voor hen doet.

FNV is de grootste vakbond van Nederland en heeft naast meer dan een miljoen werknemers ook tienduizenden zzp’ers onder haar leden. Dus kan de FNV arrangementen afspreken die de nadelige gevolgen van precarisering tegengaan, en ervoor zorgen dat alle werkenden – werknemers én zelfstandigen – daarin samen optrekken.

Zorg ervoor dat alle werkenden gewapend zijn tegen de turbulente veranderingen op de arbeidsmarkt.

Dat kan concreet door bijvoorbeeld afspraken in de CAO’s op te nemen, dat zzp’ers die dat nodig hebben of wensen, gebruik kunnen maken van de sociale arrangementen in sectoren. Laat hen daar dan ook aan bijdragen. En laat de zelfstandigen die dat niet nodig hebben hun eigen boontjes doppen, als ze dat graag willen. Laat hen dan buiten die arrangementen en maak duidelijk dat ze er dan ook geen gebruik van kunnen maken.

Zorg ervoor dat alle werkenden gewapend zijn tegen de turbulente veranderingen op de arbeidsmarkt. Zorg dat iedereen ‘arbeidsmarkt-fit’ blijft. Dus blijven leren en je competenties bijhouden en aan de slag blijven om je pensioen gezond te halen.

Het issue is dus niet de flexibilisering zelf, of meer of minder daarvan. Het issue is slechte flexibilisering… de onzekerheid die dat met zich meebrengt voor elk individu waarbij uiteindelijk de kosten worden afgewenteld op de samenleving.

Mark Bassie schreef dit artikel met Etienne Lemmens

mr. Mark Bassie (Breda 1960) is sinds 1994 werkzaam als Zelfstandige Interim Professional. Was vroeger als interim-manager en trainer werkzaam. Heeft zich de laatste jaren gespecialiseerd -onder het label Flex-Beheer- in flexibilisering van organisaties en professionalisering van externe inhuur. Onafhankelijk en deskundig in inhuurplatforms, Marktplaatsen, ZZP-community's en Vendor Managementsystemen. Mark combineert hierbij zijn HRM-deskundigheid met bedrijfsvoerings-expertise en verander- en projectmanagement. Auteur van het handboek 'Scoren op inhuurmarktplaatsen!' van FNV Zelfstandigen (2012). Onderzoeker/co-auteur van diverse Nederlands/Belgische onderzoeksrapporten o.a. over Recruitment Process Outsourcing (RPO) (2016), over Vendor Management Systemen (VMS) (2017) en over Managed Service Providers (MSP) (2018). Zie Flex-Beheer.nl voor de downloadpagina's. Bekijk alle berichten van Mark Bassie

5 reacties op dit bericht

  1. De Nederlandse flexschil omvat nu zo’n 35% van alle werkenden. Is dat veel? Internationaal gezien zeker. Dus naar minder flex? Of toch niet? Op grond van data van CBS, CPB, Ecorys en ADP kan gesteld worden dat 55% van de Nederlandse werkers flex ziet zitten! Helaas is maar 14% van alle werkenden een tevreden flexer. Kansen en uitdagingen zat dus.

  2. Goed artikel. Geeft op heldere wijze een andere invalshoek. Dank je wel Mark.

    Richard de Geus

  3. Dank, eindelijk iemand die een complex onderwerp helder kan duiden. En daar ook duidelijke argumenten voor noemt.

  4. Goed artikel, probleem is inderdaad slechte flex.

    Helaas zijn er nog veel uitzendbedrijven die de regels niet zo nauw nemen.
    Het loont namelijk om te weinig loon/ belasting te betalen en mocht men gepakt worden dan wordt er door vervalsingen minimaal nabetaald. Als je maar brutaal genoeg bent dan kun je een goede boterham verdienen.
    Je zou eens moeten analyseren wat voor soort uitzendbedriijven overleven in sectoren als: schoonmaak, agrarisch, vlees en scheepsbouw. Dit zijn niet de grote bedrijven die alles hebben geoptimaliseerd. Zouden het niet “gewoon” bedrijven zijn die de regels aan hun laars lappen.
    Hetzelfde geldt uiteraard voor zelfstandigen in bepaalde sectoren als bouw, zorg en postbezorging.

    FNV zou eens af moeten stappen van het sluiten van deals met uitzenders en moeten doorpakken. Op de lange termijn hebben leden daar veel meer aan.

  5. Goed artikel. Ik denk echter dat de mogelijke rol van de overheid hierin onderbelicht is. Wanneer wij als maatschappij vinden dat de flexibiliteit is doorgeschoten dan kan de overheid met regulering daar zeker ook iets in doen. Bijv. door het scheppen van vaste banen goedkoper te maken. Bijv. door voor de werkgevers premies aanzienlijk te verlagen voor vaste banen. Maar daar tegenover de premies voor flex-, tijdelijke en uitzendcontracten aanzienlijk te verhogen. Dit is ook redelijk omdat het uitstroomrisico richting WW voor deze groepen werknemers ook veel groter is.
    Voor ZZP-ers kan men bijv. afspreken dat het minimum tarief per uur minimaal 2 x of 2 1/2 x het geldende uursalaris voor de betreffende functie bij de opdrachtgever moet zijn. Op deze wijze wordt het risico niet meer volledig afgewenteld op de werknemer of ZZP-er