"Exploring the future of work & the freelance economy"
SLUIT MENU

Stapel arbeidsmarktwetten op weg naar de Kamer: ‘De wereld ziet er anders uit dan toen deze wetten bedacht werden’

De Tweede Kamer behandelt binnenkort een aantal arbeidsmarktwetten, waaronder wetgeving omtrent het inhuren van zzp’ers. Margreet Drijvers, programmamanager zzp-dienstverlening bij de ABU, en ZiPconomy oprichter Hugo-Jan Ruts blikken in de laatste ZiPtalk vooruit.

De Nederlandse arbeidsmarkt staat aan de vooravond van de invoering van een aantal wetswijzigingen die stevig ingrijpen. 10 april werd de Wet meer zekerheid flexwerkers besproken, op 15 april volgt de behandeling Rechtsvermoeden bij laag tarief en dan volgt op 28 mei nog een overleg over het bredere arbeidsmarktbeleid. Dan komt bijvoorbeeld de Zelfstandigenwet ter sprake, de wet waar minister van Werk en Participatie Thierry Aartsen (VVD) en minister van Sociale Zaken Hans Vijlbrief (D66) zelf het initiatief toe namen.

Er is veel in beweging, de wetten hangen ook nauw met elkaar samen en de politieke puzzel is best complex, zo blijkt uit het gesprek dat ZiPconomy hoofdredacteur Jan-Willem Weijers en ZiPTalk host Narada Bouwland hadden met Margreet Drijvers en Hugo-Jan Ruts.

  • De hele podcast is hier te bekijken of op Spotify terug te luisteren 

Wetgeving uit een andere tijd

Hugo-Jan Ruts benoemt direct een pijnpunt bij het totale pakket aan wetgeving: “Het is altijd bijzonder dat je nu wetgeving gaat behandelen die twee kabinetten terug in gang is gezet, naar aanleiding van een rapport van drie kabinetten geleden. De wereld ziet er anders uit dan toen deze wetten bedacht werden,” stelt hij. Hij doelt op het feit dat veel van de huidige voorstellen hun oorsprong vinden in de commissie-Borstlap, uit een tijd waarin de arbeidsmarkt er toch fundamenteel anders uitzag. Ruts hoopt dat Kamerleden daar afstand van nemen en breed kijken naar wat de arbeidsmarkt nú nodig heeft.

Drijvers deelt die zorg. Zij waarschuwt voor een reflex naar steeds meer regels. “De ervaring leert dat meer regulering niet per se beter is. Er is al heel veel regulering en eigenlijk zouden we die veel meer moeten gaan handhaven, in plaats van dat we steeds maar weer denken: oh, het gaat hier mis, er moet weer een nieuw regeltje komen.”

De VBAR wordt geknipt

Een van de belangrijkste ontwikkelingen is dat het nieuwe kabinet ervoor gekozen heeft om de Wet Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden (VBAR) te splitsen. Het VBA-deel (de verduidelijking van wanneer iemand als zelfstandige of werknemer werkt) gaat definitief niet door. Daarvoor in de plaats wordt gewerkt aan de Zelfstandigenwet, een initiatiefwet die Aartsen en Vijlbrief zelf als Kamerleden hebben opgestart. 

Wat wél doorgaat is het R-deel: het rechtsvermoeden van werknemerschap bij een laag tarief. Ruts legt uit: “De VBAR wordt geknipt. Het verduidelijkingsdeel gaat niet door, het rechtsvermoeden gaat wel door. Dat is geen minimumtarief: het is niet verboden om onder dat tarief te werken, het is alleen maar een extra recht die de werkende zelf kan gebruiken.” 

De tariefgrens ligt momenteel rond de 38 euro en zal door stijging van het minimumloon snel richting de 41 euro gaan. Een belangrijk detail is dat het kabinet dit als een civielrechtelijk instrument ziet: alleen de werkende zelf kan er gebruik van maken, niet de Belastingdienst. Partijen als GroenLinks-PvdA zouden juist graag zien dat het rechtsvermoeden ook bij de handhaving ingezet kan worden.

Drijvers steunt de splitsing, waarvoor de ABU samen met andere brancheorganisaties heeft gepleit. Over het rechtsvermoeden is ze genuanceerd positief. “Het rechtsvermoeden is een goede stap om kwetsbare werkenden een betere positie te geven. We vinden het alleen jammer dat het geen publiekrechtelijk rechtsvermoeden is. Als de Belastingdienst of het UWV daar ook een beroep op kan doen, verwachten we een betere preventieve werking.” Zij wijst erop dat in het SER MLT-advies, een sociaal akkoord tussen werkgevers en werknemersorganisaties, nadrukkelijk om een publiekrechtelijk rechtsvermoeden werd gevraagd.

Drijvers en Ruts verwachten niet dat kwetsbare werkenden massaal naar de rechter zullen stappen. Wel voorzien ze een preventieve werking aan de opdrachtgeverskant: organisaties zullen kritischer kijken of een opdracht met lage tarieven zich werkelijk leent voor een zelfstandige. Het kabinet streeft ernaar dat deze wet al per 1 januari 2027 in gaat. 


Na de opname van deze podcast werd bekend dat het wetsvoorstel Rechtsvermoeden al op 15 april wordt behandeld in de Tweede Kamer. Lees voor meer informatie over de inhoud van die wet dit artikel. In dit artikel meer over de omvang en beroepsgroepen.


Domino-effect voor intermediairs

Een bijzonder risico schuilt in de samenloop van wetgeving. Ruts schetst het domino-effect: als via het rechtsvermoeden wordt vastgesteld dat een zzp’er bij een intermediair eigenlijk in dienst is, valt die relatie onder de uitzend-cao (WAADI). En wie onder de WAADI valt, valt ook onder de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (WTTA, deze wet is al aangenomen). Een bureau dat dacht geen WTTA-toelating nodig te hebben omdat het alleen met zzp’ers werkt, kan zo met terugwerkende kracht in de problemen komen.

Drijvers nuanceert: “Dat hoeft niet eens kwade wil te zijn. Je kunt ervan overtuigd zijn dat een opdracht zich leent voor een zzp’er, maar een beoordeling door de Belastingdienst kan altijd anders uitvallen.”

De Zelfstandigenwet: hoop en onzekerheid

De Zelfstandigenwet moet het alternatief worden voor het geschrapte VBA-deel. Het voorstel draait de benadering om: in plaats van te toetsen of iemand géén werknemer is, wordt eerst gekeken naar ondernemerscriteria. Pas daarna volgt de beoordeling van de arbeidsrelatie. “De charme is dat de zelfstandige een veel duidelijkere positie krijgt,” zegt Drijvers. “Waar we jaren om hebben gevraagd: laat zien wat het ondernemerschap moet zijn. En daar begint deze wet mee.”

Maar er is nog veel onduidelijk. Het wetsvoorstel heeft een internetconsultatie doorlopen waar stevige kritiek uit kwam, en er moet juridisch nog veel aan gesleuteld worden. Ruts: “Er is de nodige sympathie voor de opzet van de wet. Maar er is ook nog veel onduidelijk. Ook over de status en de planning van de wet. Interessant is natuurlijk wel dat twee van de initiatiefnemers, Aartsen en Vijlbrief, nu samen op hetzelfde ministerie zitten.” Minister Aartsen heeft aangegeven er vaart achter te willen zetten, maar Ruts tempert de verwachtingen: wetgevingstrajecten duren nu eenmaal lang.

Drijvers kaart daarnaast een blinde vlek aan. “De intermediairs worden niet genoemd in deze wet, terwijl ze natuurlijk wel een belangrijke rol spelen in het bemiddelen van zelfstandigen.” Zij benadrukt dat een zelfstandige niet slechter af mag zijn wanneer hij via een intermediair werkt. “Ze zijn vaak afhankelijk van intermediairs, omdat die preferred suppliers zijn van overheidsorganisaties en grotere bedrijven. Je ontkomt er niet aan.”

BAZ: wet komt er snel, uitvoering niet

Dan de BAZ, de basisverzekering arbeidsongeschiktheid voor zelfstandigen. Ook die wil het kabinet snel aangenomen hebben, terwijl dit een complexe operatie is. 

De verplichte AOV keert pas uit na twee jaar arbeidsongeschiktheid, op maximaal minimumloonniveau, en kost maximaal 171 euro per maand. Ruts snapt de kritiek van zzp’ers die zeggen er weinig aan te hebben, maar wijst ook op het solidariteitsargument: “Er zijn ook best veel zelfstandigen die zich helemaal niet kunnen verzekeren of tegen veel hogere kosten, die hebben baat bij zo’n publiek stelsel.” 

Het is mogelijk dat de wet inderdaad snel door de Kamers komt, maar dat wil nog niet zeggen dat hij ook meteen uitgevoerd kan worden. Zowel het UWV als de Belastingdienst hebben nog wel een paar jaar de tijd nodig voor de implementatie. 

Lees ook: 13 vragen en antwoorden over de verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zzp’ers en andere zelfstandigen.

De Wet meer zekerheid flexwerkers

En dan is er nog de Wet meer zekerheid flexwerkers. Die beperkt externe flex via verkorting van de uitzendduur, maakt uitzendarbeid duurder door de gelijkwaardige beloning en beperkt interne flex door de afschaffing van nul-urencontracten. Ruts verwacht dat hier in de Kamer brede steun voor is (de wet is op 10 april behandeld in de Kamer). Veel van deze maatregelen zijn overigens al opgenomen in de uitzend-cao, al lobbyen de grote vakbonden voor verdere aanscherping van de wet. 

Het politieke schaakspel

De grote vraag die boven alles hangt: krijgt dit minderheidskabinet de benodigde meerderheden bij elkaar? Ruts: “Als je alles los van elkaar ziet, is er voor elke wet wel een meerderheid te halen. Maar dingen hangen ook met elkaar samen. Het is een minderheidskabinet: ze moeten of over rechts of over links een meerderheid halen.”

Links wil een rechtsvermoeden met publiekrechtelijke handhaving. Rechts verzet zich tegen meer regels en tegen verplichting voor zelfstandigen zoals die in de BAZ en de Zelfstandigenwet staan. De coalitie zal moeten zoeken naar meerderheden, en de vraag is in hoeverre Kamerleden de wetten in samenhang of juist los van elkaar gaan behandelen. “Wordt dat een onderhandelingsspel?” vraagt Ruts zich af. De Eerste en Tweede Kamer kennen verschillende verhoudingen, wat de puzzel nog complexer maakt.

Wat betekent dit voor de praktijk?

Voor de korte termijn is het beeld helder: de huidige regels, gebaseerd op de jurisprudentie uit het Deliveroo-arrest en de Uber-uitspraak, zijn leidend. Ook bij de handhaving door de Belastingdienst. Drijvers maakt zich wel zorgen over hoe die handhaving in de praktijk wordt uitgevoerd. “We horen uit de markt dat ze een voorschot hebben genomen op de VBAR. En dat ze ook de Uber uitspraak, waarin duidelijk wordt dat elk individueel geval apart moet worden beoordeeld, niet altijd lijken te volgen”

Veel zelfstandige professionals, met vaak duidelijke projecten en een goed tarief, hebben hun hoop gevestigd op duidelijkere regels in de Zelfstandigenwet, maar die laat nog op zich wachten. Ruts: “Voor het professionalssegment is de hoop gevestigd op de Zelfstandigenwet, maar dat gaat nog wel een paar jaar duren. We zitten gewoon met de huidige handhaving, de huidige regels en het Deliveroo-arrest. En daar moet je toch nog wel een paar jaar mee door.”

De boodschap van Drijvers is duidelijk: bereid je voor op basis van de huidige regels, houd de politieke ontwikkelingen in de gaten, en wacht niet af. Of zoals ze het kernachtig samenvat met een vergelijking: als je door rood licht rijdt en je wordt nooit gecheckt, ontslaat je dat niet van de verplichting om te stoppen voor het stoplicht.

De ZiPredactie plaatst hier interviews en eigen artikelen. Daarnaast persberichten, aankondigingen of (met toestemming) overgenomen artikelen. (contact: info[AT]zipconomy.nl) Bekijk alle berichten van ZiPredactie

Eén reactie op dit bericht

  1. Allemaal mooi en prachtig deze vergezichten, maar de problemen voor zzp’ers en intermediaire dienstverleners zijn er niet op korte termijn mee opgelost. Stroperige processen om tot nieuwe wet- en regelgeving te komen brengen verergeren de schade die thans al is ontstaan onder zzp’ ers en opdrachtgevers. Als vriend en vijand het er over eens is dat de VBAR over boord moet en we in afwachting zijn van een set betere regels, waarom dan nu niet de handhaving op (niet werkende) wetten en regeles onmiddellijk stopzetten en wachten op de Zelfstandigen Wet ?

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *



×