"Exploring the future of work & the freelance economy"

Platformondernemers willen aan de slag met dataportabiliteit

Nederlandse ondernemers in de platformeconomie willen gebruikers in staat stellen hun reputatiedata mee te nemen naar een ander platform. Maar voor het zover is, moeten praktische bezwaren opgelost worden. “Bij ons staat de flexwerker echt centraal en als het helpt om data te delen, moeten wij dat faciliteren.”

In elk geval dertien Nederlandse afgevaardigden van platformbedrijven in de kluseconomie willen aan de slag met zogenaamde portabiliteit van reputatiedata. Dat lieten ze weten tijdens een bijeenkomst over dit thema in Seats2meet Utrecht.

“Het is een goed idee, maar er zijn wel praktische bezwaren”, zei Wiggert de Haan, mede-oprichter van Roamler. Daarmee vat hij goed samen hoe de aanwezige ondernemers erover denken.

De platformbedrijven kwamen bijeen in Utrecht om samen met een tiental wetenschappers, beleidsmakers en andere experts te bedenken onder welke voorwaarden dataportabiliteit waarde toevoegt en hoe zo’n systeem eruit moet zien. De context werd neergezet door presentaties van Jeroen Meijerink (Universiteit Twente), Timm Teubner (Technische Universiteit Berlijn) en Matthijs Ros (Innopay). De bijeenkomst was een initiatief van platformexpert Martijn Arets, die bezig is met een groot onderzoek naar portabiliteit van reputatiedata. Arets: “Het is een hot issue: iedereen praat erover en vindt er iets van, maar concrete invulling ontbreekt nog. Daar wil ik samen met belanghebbenden iets aan doen.”

Reputatie als cv

Vertrouwen scheppen is belangrijk voor iedereen die online zaken wil doen en daarom is online reputatie essentieel. Als honderd mensen vóór jou schrijven dat ze goede ervaringen hebben met een verhuurder of freelancer, dan zal het wel goed zitten.

Momenteel moeten aanbieders op elk platform opnieuw reputatie opbouwen. Ook al sta je al jaren bekend als betrouwbare verkoper op eBay, als je jouw auto te huur zet op Snappcar moet je jezelf weer helemaal opnieuw bewijzen. Zou het niet handig zijn als je jouw reputatiedata kunt meenemen van het ene naar het andere platform? Of dat je de data kunt gebruiken als cv, om zo ook buiten de platformmarkt betere kansen te creëren op de arbeidsmarkt?

Eerste stap

Ja, is het antwoord van Nederlandse eindverantwoordelijken van klusplatformen: platformen die bemiddelen tussen vraag en aanbod van korte (dag)klussen. Ze zien de voordelen zeker. Uber heeft zelfs al een eerste stap gezet, vertelt Nick Hilhorst. Hij is Head of Northern Europe Policy bij het bekende platform.

“Tijdens de coronacrisis zagen we dat chauffeurs veel minder aanvragen voor taxiritten kregen”, zegt hij. “Om onze chauffeurs te helpen, hebben we zowel geprobeerd de vraag te stimuleren als gekeken hoe we ze konden helpen als ze werk in een andere sector wilden zoeken. We hebben het toen mogelijk gemaakt om een prestatieoverzicht te krijgen. Daarop staat hoeveel ritten een chauffeur gereden heeft, de gemiddelde klantwaardering op de laatste 500 ritten, de complimenten en een omschrijving van de vaardigheden die nodig zijn om taxi te rijden. Dit certificaat wordt erkend door arbeidsbemiddelaar Adecco, die het gebruikt om chauffeurs aan werk te helpen.” Lees er meer over in het whitepaper Eerlijk Werk.

Als de gebruiker het wil

“Als het de arbeidsmarkt- en inkomenspositie van werkenden vergroot, dan zie ik er zeker iets in om reputatiedata van ons platform overdraagbaar te maken”, zegt Pim Graafmans van freelanceplatform YoungOnes.

Stijn Verstijnen van bezorgapp Deliveroo: “Voor ons platform lijkt het nu niet zo relevant, omdat we nauwelijks werken met ratings. Maar als blijkt dat onze gebruikers er iets aan hebben, bijvoorbeeld omdat het hen helpt een baan te vinden in een andere sector, dan wordt het interessant. Als onze gebruiker er belang bij heeft, dan wij ook.”

Ook Roderik Kuster van chauffeursapp Sjauf wil het faciliteren, zegt hij. “Bij ons staat de flexwerker echt centraal en als het helpt om data te delen, moeten wij dat mogelijk maken.”

Wiggert de Haan van Roamler is ook positief, maar benadrukt dat het goed is om na te denken welke soorten informatie te onderscheiden. “We moeten eerst uitzoeken hoe dit model kan werken. Een pdf’je uitprinten heeft weinig zin, tenzij bijvoorbeeld partijen als UWV en Randstad dit erkennen.”

Deze diashow vereist JavaScript.

Keuzevrijheid en concurrentie

Tijdens de workshop bespraken de experts, wetenschappers en ondernemers ook hoe zo’n systeem voor overdraagbare reputatiedata eruit moet zien. Welke data zijn zinvol om uit te wisselen? Mag de gebruiker zelf kiezen welke ratings hij meeneemt? Is het een taak voor de overheid, de markt of moet er een onafhankelijke entiteit (een “reputatiedata-coöperatie”) komen?

Hoe zit het met het uitwisselen van reviews tussen apps die elkaars concurrent zijn? Reinier Vastenburg van digitale uitzendbureau NowJobs: “We steken er veel geld en tijd in om cv’s aan te vullen met relevante data en referenties. Daarmee voegen wij als bedrijf waarde toe. Ik voel er weinig voor om over twee jaar al die moeite zomaar te koppelen. Dat blijft lastig in deze discussie.”

Uber erkent dat dit een lastig onderwerp is, zegt Hilhorst: “Data delen om onze gebruikers te helpen, doen we graag. Maar de vraag is wel wat je deelt en waarom. Als een chauffeur vraagt om een prestatieoverzicht dan is dat natuurlijk prima, maar bijvoorbeeld een lijst van alle Uber-gebruikers willen we vanuit privacy- en concurrentie-oogpunt niet zomaar delen. Overigens is nog niet uit onderzoek gebleken of het delen van reputatiedata ook echt iets toevoegt voor chauffeurs. Je rating heeft namelijk geen invloed op of je ritten krijgt aangeboden, afstand tot de klant is de voornaamste factor.”

Andere platformen zien wel voordelen voor hun eigen business. Hoe meer data een platform kan verzamelen over gebruikers, hoe beter het vraag en aanbod bij elkaar kan brengen. Graafmans: “Maar het moet wel wederkerig zijn: de baten moeten opwegen tegen de kosten. Ik wil wel aanbevelingen delen, maar we willen niet dat kandidaten proactief naar andere platformen worden doorgestuurd. Het is prima als zij zich inschrijven bij een ander platform en de mogelijkheid hebben om gegevens uit onze database te importeren, maar het initiatief moet altijd van de kandidaat zelf zijn.”

Vervolgstappen

Er valt dus nog genoeg te bespreken. Deze workshop is de eerste van een serie van drie. In een tweede workshop eind november komen de partijen opnieuw bijeen om te bespreken hoe reputatiedata kunnen worden gekoppeld aan skills om een digitaal cv te creëren. Uiteindelijk willen de partijen komen tot een eerste versie van dit digitale ‘gig cv’.

Martijn Arets: “De grote uitdaging is de eenvoud erin houden, zodat we meteen praktisch aan de slag kunnen. Vandaag hebben we de eerste stappen gezet om te ontdekken voor wie zo’n systeem waarde toevoegt, wie het moet opzetten en hoe een digitaal cv kan zorgen voor meer kansen op de arbeidsmarkt.”

Over dit onderzoek: Deze workshop is onderdeel van een onderzoek naar manieren waarop reputatiescores duurzaam kunnen worden verankerd op platformen die vraag en aanbod van arbeid met elkaar verbinden. Door sterk te focussen op het ontwikkelen van concrete, relevante adviezen, draagt dit onderzoek bij aan de verdere volwassenwording van de platform-markt én aan het versterken van de positie (‘empowerment’) van de opdrachtnemer die van platformen gebruikmaakt. Dit onderzoek is een initiatief van Martijn Arets en wordt ondersteund door: UWV, FNV, YoungOnes, Seats2Meet, Freshheads, de Zweedse Employment Service, het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat en de European Trade Union Institute (ETUI). Meer informatie vind je op www.kluspaspoort.nl

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *