"Exploring the future of work & the freelance economy"

Reshaping Work: over vooroordelen, kansen en concurrentie van de platformeconomie

Tijdens het event Reshaping Work praatten 260 belanghebbenden over de toekomst van werk in de platformeconomie. Platformexpert Martijn Arets was erbij en deelt zijn belangrijkste bevindingen.

Zo’n 200 deelnemers en 60 sprekers kwamen samen in Amsterdam voor Reshaping Work. Deze bijeenkomst is meer dan een congres: het is een platform op zich met events in meerdere landen. Het is naar mijn weten het enige internationale congres waar alle stakeholders bijeenkomen om constructief in debat te gaan over de toekomst van werk in de platformeconomie. Terwijl voorgaande jaren discussies bleven hangen bij bekende voorbeelden als Uber en Deliveroo, werd tijdens deze editie ook echt de rol van platformen in ‘the future of work’ besproken.

Oplossingen voor alle platformwerker

Er is een positieve ontwikkeling gaande, vertelde Jeremias Prassl in zijn openingsspeech. Prassl is professor in de rechten aan de University of Oxford. Terwijl er voorheen veel discussie was over de juridische status van een werkende (zzp’er, werknemer?), komen platformen nu juist vaker met oplossingen voor het onderliggende probleem.

Dat probleem is namelijk dat werkenden via platformen minder zekerheid hebben dan werkenden in loondienst. Platformen lossen dat op door zelf verzekeringen, broodfondsen of oplossingen voor pensioen aan te bieden. Als iedereen toegang heeft tot dit soort zekerheden, maakt het niet meer uit in welk hokje je past.

Zzp of werknemer? Het maakt niet uit

Platformen hebben belang bij het ontwikkelen van vernieuwende producten, zoals verzekeringen per  klus. Op die manier kan platformwerk de ontwikkeling van dit soort producten (contractonafhankelijke verzekeringen, pensioenen) stimuleren.

Ik zie ook steeds meer platformen aandacht besteden aan deze zekerheden. Het zal mij niets verbazen dat deze ontwikkeling ervoor zorgt dat ook niet-platformwerkers gemakkelijker en goedkoper gebruik kunnen maken van zulke collectieve zekerheden.

Vooroordelen en nieuwe wetgeving

Het viel me verder op dat sprekers en bezoekers nog steeds veel vooroordelen hebben. De ‘flexverslaving’ waar Nederland volgens Mei Li Vos onder lijdt is toch echt niet alleen veroorzaakt door de platformeconomie. Eerder door onduidelijke regelgeving, slechte beleidsmatige keuzes in het verleden en gebrekkige handhaving.

Zoals Prassl het formuleerde: “We try to put a square peg into a round hole”. Het fundament van ons arbeidsstelsel moet op de schop, vinden eigenlijk alle stakeholders die ik spreek. Iedereen kijkt dan ook uit naar het advies van de Commissie Borstlap. En naar wat het Kabinet hiermee gaat doen in de toekomst en de regelingen voor ‘de tussentijd’.

Deze diashow vereist JavaScript.

foto : br-pictures.com  

Arbeidscontract is here to stay

De flexverslaving is misschien niet de belangrijkste oorzaak, maar platformen dragen wel bij aan de stijging van het aantal zzp’ers. Platformen maken het makkelijker om als zelfstandige professional te organiseren: je kunt sales, marketing en administratie uitbesteden aan een platform. Eigenlijk net zoals hoteleigenaren doen via Booking.com.

Zal de hele arbeidsmarkt platform- en flexibiliseren? Jeremias Prassl denkt van niet: volgens hem is het arbeidscontract toch echt ‘here to stay’. Omdat allerlei vormen van werk naast elkaar bestaan, is het belangrijk een systeem in te richten voor collectieve zekerheden en verplichtingen voor alle werkenden. Als dat lukt, is het een stuk minder relevant welke vorm een contract heeft.

Diverse doelgroep

De belangrijkste uitkomst van deze editie van Reshaping Work is dat dé platformwerker niet bestaat. Net zoals dé werknemer en dé zzp’er niet bestaan. In de sessies en presentaties kwamen alle smaken platformwerkers voorbij. Van de precaire migrant die alleen via een platform als Deliveroo aan het werk kan komen tot de topdesigner die via Fiverr of Toptal (een platform dat 98% van de aanmeldingen afwijst) voor een heel goed tarief een internationale klantenkring opbouwt.

Het zou goed zijn om in komende debatten meer onderscheid te maken tussen de verschillende typen platformwerkers. Er zijn namelijk veel variabelen die invloed hebben op de positie van de platformwerker. Denk aan:

  • Moeten vraag en aanbod elkaar fysiek ontmoeten voor het uitvoeren van een opdracht?
  • Is de klant een consument of een organisatie?
  • Heeft de aanbieder unieke vaardigheden (schaarse) of ‘commodity skills’?
  • Betreft het een eenmalige of een repeterende opdracht?
  • Is het inkomen vanuit het platform aanvullend of is de platformwerker afhankelijk van het inkomen vanuit het platform?
  • Welke zekerheden biedt het platform?

Er zijn steeds meer platformen die arbeid bemiddelen. Soms gaat het om een verschuiving van traditionele bemiddelaars naar een digitale tussenpersonen, soms om heel nieuwe werkvormen.

Concurrentie voor de uitzendbranche

Veel aandacht rondom platformwerk ging voorheen naar platformen met een transactie tussen een individuele aanbieder en een consument. Voor platformen zoals Fiverr, Toptal en Twago worden zakelijke klanten steeds belangrijker. Voordeel van zakelijke klanten is dat je relatief veel kunt investeren in onboarding. Bij een consument als klant zijn de onboarding kosten al snel hoger dan de marge die je uit de relatie haalt. Ik verwacht dan ook dat platformen serieuze concurrenten kunnen worden voor de uitzendbranche.

Volgens mij kunnen platformen het meest invloed hebben als tools om de organisatie van arbeid beter te organiseren. Tijdens Reshaping Work nam ik deel aan een rondetafelgesprek met Twago. Twago bouwt talentpools voor klanten als Philips en Unilever. De klanten krijgen een eigen ‘branded’ omgeving met zowel eigen contacten als talenten die via Twago binnenkomen.

Het platform creëert een overzicht met databases met sollicitanten die zijn afgewezen of stagiaires. Dit platform is overgenomen door Randstad. Het is Twago overigens nog niet gelukt om de dienstverlening en databases met die van Randstand te verbinden. Beide merken opereren naast in plaats van met elkaar. Wat dat betreft is het de vraag in hoeverre het praktisch lukt om dé toegangsapp voor arbeid succesvol voor grote organisaties te bouwen.

Platform als tool

Als je platformen ziet als tools, kun je ook veel meer de platformgedachte zelf op platformen loslaten. Daarmee bedoel ik dat veel platformen nog relatief gesloten zijn, uit angst om aandeelhouderswaarde te verliezen. En dat is een gemiste kans.

Als platformen zich openstellen voor externe partijen, kunnen zij meer dienstverlening bieden aan gebruikers. Op zich moet dit geen probleem zijn: platformen zijn de facto een aaneenrijging van bestaande aanbieders uit het ecosysteem voor bijvoorbeeld betaling, administratie en ID-checks. Platformen mogen de platformgedachte ook zelf nog meer in de praktijk brengen. Hier liggen nog veel kansen.

Deze editie van Reshaping Work heeft de bezoekers de diversiteit van platformwerk laten zien. Daarnaast zagen we dat platformwerk niet alleen grote impact heeft op consumenten, maar ook op het bedrijfsleven. Aanwezigen gingen veel met elkaar in gesprek en ik hoop dat zij volgende keer ook vaker samen aan de slag gaan. Dat is volgens mij echt nodig om verder te ontwikkelen.

Maar natuurlijk hoeven we niet op een volgende editie te wachten om daarmee aan de slag te gaan.

Martijn Arets is internationaal platform expert en verkent sinds 2012 de opkomst van de platformeconomie en de impact op de samenleving. Bekijk alle berichten van Martijn Arets

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *