‘Netwerken van mensen zijn ecosystemen’

 Interview met Eelke Wielinga en Sjoerd Robijn over hun boek ‘Netwerken met energie’.

Het werken in netwerken wordt steeds belangrijker. Energie speelt daarin een belangrijke rol. Als iedereen energiek aan de slag gaat met een project, dan is die energie voelbaar voor alle betrokkenen. Toch weten we niet veel over het verloop van het netwerkproces, als we er middenin zitten. Het boek Netwerken met energie van Eelke Wielinga en Sjoerd Robijn geeft taal en modellen om daarin te kunnen navigeren en waar nodig bij te sturen. Ze tonen aan dat je energie hanteerbaar kunt maken in de interactie tussen mensen.

Managers kunnen vaak moeilijk met het begrip ‘energie’ uit de voeten?

Energie tussen mensen is voor managers, projectleiders en beleidsmakers moeilijk concreet te duiden en in cijfers te vangen. Ze kunnen niet verklaren hoe energie ontstaat tussen mensen en hoe je verschil bepaalt tussen netwerken die energie opleveren en energie kosten. We kunnen het voelen wanneer er contact is en samenwerking iets oplevert. We kunnen energie ook verliezen als het niet goed gaat. Het voelen van die energie wordt doorgaans vaag gevonden.

De theorie van levende netwerken haalt het begrip uit die vaagheid. Vervolgens hebben we modellen ontwikkeld om die energie in detail bespreekbaar te maken. Deze energie is een andere verpakking van dezelfde energie die we kennen van zonlicht of aardolie.

Je hebt gezonde en ongezonde netwerken?

Netwerken van mensen zijn ecosystemen. Een ecosysteem is een netwerk van levende planten en dieren. Een gezond ecosysteem houdt zich in stand en plant zich voort. De verbanden waarin mensen hun samenleving vormgeven, opereren volgens dezelfde ordenende principes die we in het boek beschrijven. Ze kunnen gezond zijn en je veiligheid geven. In dat geval maak je er graag deel van uit; je zet je er daarom graag voor in. Je geeft zo energie aan het netwerk en dit vergroot weer de bereidheid tot inzet en afstemming van anderen; een zichzelf versterkend, levend proces.

Een netwerk kan je ook energie kosten; je inspanningen leveren je naar verhouding te weinig op. Dit is een ongezond netwerk. Ook dit proces versterkt zichzelf, zoals bijvoorbeeld strijd meer strijd uitlokt.

We zijn onderdeel van iets groters?

Mensen proberen hun werkelijkheid te beïnvloeden en te beheersen en laten zich hierin onder andere sturen door individuele behoeften en hun normen en waarden. Maar we zijn onderdeel van een uiterst complex ecosysteem waarvoor elke theorie te kort schiet. De grote opgave is om ons gedrag weer in overeenstemming te brengen met de draagkracht van onze planeet. Een grondhouding zoals ‘Ik weet wat goed voor u is’, ‘Iemand moet de baas zijn’, of ‘De winnaar mag het zeggen’ voldoet niet meer. We beschouwen geld nu vaak als een doel op zich, maar het moet een middel worden om een systeem gezond te maken of te houden. Dit past in de stap van egobewustzijn naar ecobewustzijn.

Een gezamenlijk doel is het resultaat van een goed proces?

Jazeker! Er komt energie beschikbaar wanneer mensen ontdekken dat zij dezelfde ambities hebben en zich daarop met elkaar verbinden. Dat is een ander proces dan het stellen van doelen en het verdelen van taken. Bij een initiatiefnetwerk begint de aanzet tot verandering met mensen. Ze maken samen plannen, bepalen wie wat gaat doen en zoeken mogelijke partners. In dit proces ontstaat er een gedeelde missie en uiteindelijk gaat men ook plannen maken en doelen stellen. Het gaat dus precies andersom dan doorgaans wordt verondersteld: een gezamenlijk doel is niet het begin van een goed proces, maar het resultaat ervan.

We onderscheiden dus twee processen die niet zonder elkaar kunnen. In het warme proces van organiseren vinden mensen elkaar en genereren zij de energie om aan de slag te gaan. In het koude proces vindt structurering plaats om het proces efficiënt en beheersbaar te maken.

Wanneer krijgt een netwerk meerwaarde?

Wanneer er ‘vitale ruimte is’ stemmen mensen hun inzet op elkaar af. Ieder individu geeft vrijheden op in ruil voor wat de samenwerking oplevert. De interactie in het netwerk beweegt zich tussen de polen van het ik en het wij. Aan de wij-pool eist het netwerk van de leden dat zij zich conformeren aan regels en afspraken. Wie te ver hiervan afwijkt, krijgt sancties en riskeert uitsluiting.

Maar individuen verlangen ook een eigen ruimte waarin zij zich veilig voelen en hun kwaliteiten kunnen tonen. Wie te veel wordt beperkt in zijn vrijheden wordt boos. Dat geeft energie om de eigen ruimte op te eisen en te bewaken. Aan de ik-pool verliest het individu de bescherming van het netwerk en het gevoel zinvol te zijn. De bereidheid om af te stemmen neemt dan weer toe.

Compassie bepaalt het verschil bij spanning in het systeem?

Compassie is het vermogen om zich te verplaatsen in anderen en begrip op te brengen voor hun manier van handelen, ook al ervaar je dat als schadelijk. Zonder compassie kun je niet met anderen de onderlinge verhoudingen gezonder proberen te maken, en strijd en destructie te stoppen. In een wereld vol strijd is het niet gemakkelijk om compassie te voelen, maar wij hopen dat de ecologische benadering van levende netwerken hierbij helpt.

Vanuit het besef, dat alles een functie heeft in het grotere systeem waarvan we onderdeel zijn, kan ik – zonder te oordelen over daders – onderzoeken wat de spanning veroorzaakt en welke respons effectief zou kunnen zijn. Het gedrag van die anderen is niet de oorzaak van die spanning, maar een gevolg ervan. Wat niet betekent dat elk gedrag acceptabel is. Mensen gedragen zich door omstandigheden niet-productief of schadelijk. De weg naar vitaliteit en cocreatie is pas open als zij het effect van hun handelen willen onderzoeken.

Tekst: Peter Spijker. Dit interview is eerder verschenen op Managementboek.nl

Op Managementboek.nl vindt u ruim 25.000 producten. Alle producten zijn op voorraad. Naast het traditionele boek kunt u bij ons terecht voor e-booksluisterboeken en spellen. Bekijk alle berichten van ManagementBoek.nl