"Exploring the future of work & the freelance economy"
WNT

Plasterk antwoordt Kamer over ophef inhuur externen door Veiligheidsregio’s: “Ik ga er niet over.”

De controle op het inzetten van interim managers en specialisten bij decentrale overheden is niet aan de Rijksoverheid, zo stelt Minister Plasterk (BZK).

Decentrale overheden zelf verantwoordelijk

Decentrale overheden zijn zelf verantwoordelijk voor hun bedrijfsvoering en personeelsbeleid. Ook als het gaat om het inhuren van extern personeel. Het is niet aan de Rijksoverheid, maar aan bijvoorbeeld gemeenteraden om daar op toe te zien. Dat antwoordt Minister Plasterk in een brief aan de Tweede Kamer. Hij wijst daarin ook nog op het feit dat de Wet Normering Topinkomens niet van toepassing is op tijdelijke vervanging van ‘gewone functies’, maar alleen op topposities.

Plasterk geeft met deze brief antwoord op vragen uit de Kamer die ontstonden na berichtgeving dat verschillende Veiligheidsregio’s veel geld aan extern ingehuurde specialisten zouden hebben uitgegeven.

“De decentrale overheden zijn, als autonome bestuurslaag, zelf verantwoordelijk voor hun uitgaven en bedrijfsvoering” zo schrijft de Minister. ”Dit betreft ook de taken die via verlengd lokaal bestuur worden uitgevoerd. Het is aan de betreffende regio’s om in bepaalde situaties al dan niet gebruik te maken van externe inhuur om de gestelde doelen te realiseren. Het is aan de deelnemende gemeenten om dat te beoordelen. (…) Het bestuur van de veiligheidsregio legt verantwoording af over de besteding van de middelen door middel van het jaarverslag en de jaarrekening aan de betreffende gemeenteraden.”

Plasterk heeft verder ook geen inzicht over exacte bedragen die uitgegeven worden aan externe inhuur. Daar waar het gaat om tijdelijke invulling van bestaande posities worden die kosten ook niet apart opgenomen, maar verzameld onder de post ‘personeelslasten’.

De Minister ziet ook “geen aanleiding om de controlerende taak door het Rijk over te nemen, noch om een extra toezichtslaag in het leven te roepen.” Hij vindt  dat het niet aan de rijksoverheid is om de inhuur per veiligheidsregio te beoordelen. “Bovendien kan door de rijksoverheid niet worden bepaald wanneer en waarvoor een veiligheidsregio extern personeel inhuurt. Dit is een verantwoordelijkheid die ligt bij het bestuur van de veiligheidsregio. Het bestuur van de veiligheidsregio is bekend met de omstandigheden binnen de regio die aanleiding kunnen zijn om werkzaamheden aan een externe partij uit te besteden. Zij bepaalt tevens op welke wijze dit gebeurt.”

Het is aan de betrokken gemeenteraden en eventueel Provinciale Staten om hier toezicht op te houden, zo schrijft Plasterk.

 

Regeling hoogte tarief geldt alleen voor inhuur top

De veiligheidsregio’s dienen zich bij inhuur natuurlijk wel te houden aan de regels rond aanbesteden. En aan de Wet Normering Topinkomens (WNT). De ophef in de media ging ook vooral over de hoogte van de tarieven.

Plasterk legt nog maar eens uit dat de normen die in de WNT staan voor ingehuurd extern personeel, alleen gelden voor de topposities binnen de overheid. “

Bij de WNT moet onderscheid gemaakt worden tussen topfunctionarissen en niet- topfunctionarissen. Daarnaast is het onderscheid tussen een vast dienstverband en externe inhuur relevant.

Van topfunctionarissen wordt de bezoldiging genormeerd en bestaat er in het kader van de WNT een verplichting tot openbaarmaking.

“Specifiek voor topfunctionarissen zonder vast dienstverband (externe inhuur) is het bezoldigingsmaximum vastgelegd in het Uitvoeringsbesluit WNT.” Maar, “de verplichting tot openbaarmaking [van de bezoldiging] geldt in het kader van de WNT niet voor externe inhuur van regulier personeel vanuit het idee dat de beheersing van de uitgaven voor externe inhuur van personeel op andere wijze wordt beheerst en openbaar gemaakt.”

Het is volgens Plasterk ‘de taak van de accountant om de WNT-verantwoording die onderdeel uitmaakt van het jaarverslag te controleren en indien deze overtredingen constateert dit aan mij te melden. Dit is de basis voor toezicht op naleving van de WNT.”  Als toezichthouder kan Plasterk ook nader onderzoek instellen, maar hij ziet daar geen aanleiding toe. “Voor zover ik heb kunnen constateren gaat het bij verreweg de meeste van de functionarissen die in het mediabericht zijn genoemd om externe inhuur van niet-topfunctionarissen. Deze worden dus niet door de WNT genormeerd.”

In een eerder artikel op ZiPconomy kwamen we al tot een voorzichtige conclusie dat de normering uit de WNT in deze gevallen ook niet overschreden zijn. Los van het feit of ze van toepassing waren of niet.

Hugo-Jan Ruts is ‘editor-in-chief’ en uitgever van ZiPconomy.

Bekijk alle berichten van Hugo-Jan Ruts

Er kunnen geen reacties meer achtergelaten worden.