ZiPredactie 15 januari 2026 2 reacties Print OneStopSourcing start WHOA-procedure en probeert zo tijd te kopen om faillissement af te wendenOneStopSourcing zegt nieuwe facturen weer tijdig te kunnen betalen. Het bedrijf zoekt via een rechterlijke procedure met schuldeisers naar een oplossing voor openstaande posten uit 2025. Broker OneStopSourcing kan zijn financiële verplichtingen aan leveranciers uit 2025, waaronder bureaus en zzp’ers, nog steeds volledig nakomen. Het bedrijf probeert via een WHOA-procedure een faillissement te voorkomen. OneStopSourcing, verantwoordelijk voor de inhuur en administratieve afhandeling van externen en zzp’ers bij onder meer overheidsorganisaties, kampt met acute betalingsproblemen. Het bedrijf werkt aan een herstructurering van zijn schulden en heeft daarvoor een WHOA-procedure (Wet homologatie onderhands akkoord) opgestart. Met deze regeling kan een onderneming schulden herstructureren en, onder voorwaarden, een faillissement voorkomen door een bindend akkoord met schuldeisers te sluiten, ook als niet alle schuldeisers daarmee instemmen. Zonder een dergelijk akkoord dreigt een faillissement, zo heeft OneStopSourcing leveranciers in een e-mail laten weten. Een deel van hen – waaronder enkele honderden zzp’ers – wacht inmiddels al enkele maanden op betaling van facturen uit het laatste deel van 2025. Lees ook: Onrust over leverancier flexkrachten en zzp’ers aan overheden. “We werken hard aan oplossing” Structurele cashflowproblemen OneStopSourcing verzorgt de administratieve afhandeling van extern ingehuurd personeel bij onder meer de Belastingdienst, de Tweede Kamer en diverse andere overheidsinstellingen, zoals provincies, gemeenten en universiteiten. In totaal gaat het om ongeveer 900 ingezette externen. Het bedrijf ontvangt facturen van het ingezette personeel en factureert deze door aan de opdrachtgevers. Met leveranciers en zzp’ers zijn relatief gunstige betalingsvoorwaarden afgesproken, waardoor OneStopSourcing hen vaak sneller moet betalen dan dat het zelf wordt betaald door opdrachtgevers. Dat is overigens geen ongebruikelijk model in de branche. Om dit verschil te overbruggen maakte OneStopSourcing gebruik van factoring. Volgens de directie ligt een verstoorde relatie met het factoringbedrijf aan de basis van de ontstane problemen. Eind vorig jaar communiceerde OneStopSourcing nog dat de problemen tijdelijk en voornamelijk administratief van aard waren. Met opdrachtgevers werden afspraken gemaakt over snellere betaling en aandeelhouders zouden bereid zijn een kapitaalinjectie te doen. Het bedrijf gaf aan dat het vrijmaken van geld vanuit de aandeelhouders wel enige tijd zou vragen. Er werd gecommuniceerd dat de zaken in de loop van het eerste kwartaal weer op orde zouden zijn. OneStopSourcing heeft de afgelopen periode afspraken kunnen maken met een aantal leveranciers en ook groepen zzp’ers. Maar bij een aantal (kleinere) schuldeisers is het geduld op, met een dreigend faillissement als gevolg. Schuldeisers gevraagd mee te bewegen Om tijd te kopen en te zorgen dat het bedrijf ook verder kan wordt de oplossing nu gezocht in een WHOA-procedure. In een bericht aan schuldeisers stelt een advocaat van het bedrijf: “Op deze wijze kan een deel van de schulden worden geherstructureerd tot een niveau dat voor de onderneming financieel draagbaar is. Het doel van dit traject is om continuïteit te behouden en een faillissement te voorkomen.” Schuldeisers zullen daarbij moeten instemmen met een akkoord waarbij zij een deel van hun vordering prijsgeven. Welk concreet voorstel OneStopSourcing hen zal doen, is nog niet bekend. Vorderingen vanaf 1 januari 2026 vallen buiten de beoogde regeling. Volgens OneStopSourcing zullen uren die gemaakt zijn in 2026 wel regulier en tijdig worden uitbetaald. Afkoelingsperiode aangevraagd OneStopSourcing gaat op korte termijn een afkoelingsperiode van vier maanden aanvragen bij de rechtbank Midden-Nederland. Tijdens deze periode kunnen schuldeisers geen individuele verhaalsacties ondernemen en kan geen faillissement worden aangevraagd door afzonderlijke schuldeisers. Binnen die periode moet een akkoord tot stand komen. Of voldoende schuldeisers daarmee zullen instemmen, is nog onzeker. Binnen een WHOA-traject is niet unanimiteit vereist; instemming van schuldeisers die gezamenlijk minimaal twee derde van de totale schuldenlast vertegenwoordigen kan voldoende zijn. Uiteindelijk beslist de rechter. Die zal vooral ook kijken naar de toekomstverwachting van het bedrijf. Daarnaast geldt dat schuldeisers, ook degenen die tegen een akkoord stemmen, met een mogelijke WHOA-deal niet slechter af mogen zijn dan bij een faillissement. Lees ook: Sterke toename in behoefte aan broker- en MSP-diensten Herhaling TCP-affaire? Alhoewel het bedrijf er alles aan doet om verder te kunnen, roept de zaak herinneringen op aan de TCP-affaire uit 2019. Die broker – ook actief als payroller voor uitzendbureaus – deed onder andere het contractbeheer van zzp’ers die bij ING bank actief waren. Het bedrijf kwam in de financiële problemen nadat een uitzender TCP niet meer betaalde voor de payrolldienst die TCP leverde. TCP probeerde de ontstane actuele cashflow problemen op de lossen door geld uit de broker BV te gebruiken om de cashflowproblemen in de payroll BV op te lossen. Dat bleek tevergeefs. Het bedrijf ging uiteindelijk failliet, zonder dat de zzp’ers en andere leveranciers uitbetaald werden. Het werd zzp’ers door de TCP-affaire pijnlijk duidelijk dat ze in het geval van een faillissement simpelweg een van de schuldeisers zijn en niet zoals uitzendkrachten een speciale positie genieten. Overigens koos ING er destijds voor om de zzp’ers – nogmaals – te betalen. Ook om er zo voor te zorgen dat de zzp’ers hun opdrachten voor de bank konden afmaken. Zo ver is het bij OneStopSourcing nog lang niet. Deze zaak zal wel de oproep versterken om ook bij MSP- en broker-dienstverlening geldstromen tussen eindklant-dienstverlener-leveranciers/zzp’er via een aparte, beschermde rekening te laten lopen. Dat is bij uitzendarbeid (g-rekening) al verplicht. broker, OneStopSourcing Print Over de auteur Over ZiPredactie De ZiPredactie plaatst hier interviews en eigen artikelen. Daarnaast persberichten, aankondigingen of (met toestemming) overgenomen artikelen. (contact: info[AT]zipconomy.nl) Bekijk alle berichten van ZiPredactie
Zoals ik slechts eerder meldde, deze casus is slecht nieuws voor opdrachtgevers, zzp’ers, toeleveranciers én voor het imago van de broker zelf. Het laat kwetsbaarheid zien in de keten als er geen goed financieel beheer wordt uitgevoerd. Tegelijkertijd blijft het voor mij onbegrijpelijk als een broker failliet gaat, bij normale bedrijfsvoering zou dit feitelijk onmogelijk moeten zijn. Dan naar de inhoud; een WHOA-traject kan alleen slagen als de rechter vaststelt dat er reële toekomstige levensvatbaarheid is. Zonder geloofwaardig perspectief op continuïteit wordt een akkoord simpelweg niet door de rechter goedgekeurd. Het gaat hierin naast de herstructureren van oude schulden, ook om de vraag of OneStopSourcing structureel in staat is haar rol in de keten te blijven vervullen. Daarnaast zet het ook haar opdrachtgevers in het overheidsdomein voor een dilemma ( OneStopSourcing is deelnemer is in diverse raamovereenkomsten). Aanbestedende diensten móéten bij signalen van dreigende insolventie onderzoeken of nog steeds wordt voldaan aan de eisen van financiële en economische draagkracht. Dat onderzoek is niet vrijblijvend en kan ook na (voorlopige) gunning plaatsvinden. Deze casus toont mijns inziens sowieso aan dat aanbestedende diensten meer moeten doen om dit soort risico’s te beheersen, ik denk hierbij aan bijvoorbeeld: -strengere eisen in het Programma van Eisen (liquiditeit, solvabiliteit, afhankelijkheid van factoring); -expliciete contractuele continuïteits- en transparantieverplichtingen; -periodieke (bijvoorbeeld jaarlijkse) herbeoordeling van financiële draagkracht; -aanvullende zekerheden of afspraken over gescheiden geldstromen. Daarnaast heb ik nog wat vraagtekens over de ‘framing’ in dit artikel. De problematiek wordt nu vooral neergezet als een broker- of MSP-vraagstuk. Maar is dat wel terecht? Het onderliggende risico speelt net zo goed bij vier typen partijen in de inhuurketen: brokers, MSP’s, detacheerders die doorlenen én detacheerders die dat niet doen. Ook bij grote, ogenschijnlijk solide partijen blijft dit risico bestaan en er zijn recente voorbeelden van hele grote ICT Dienstverleners die ook met betalingsproblemen te maken hadden. De kernvraag is dan ook niet: “is het broker- of MSP-model houdbaar?” De kernvraag is volgens mij dan ook: hoe borgen we continuïteit en betalingszekerheid in de volledige keten van externe inhuur? Laten we hopen dat er uiteindelijk een oplossing wordt gevonden waarin alle betrokken partijen zich kunnen vinden, en dat deze casus leidt tot structurele verbeteringen in plaats van een volgende herhaling. Beantwoorden
Wat hier plaatsvindt, overstijgt inmiddels het domein van “tegenvallende omstandigheden” en begeeft zich nadrukkelijk op het terrein van mogelijk onbehoorlijk bestuur, met potentiële strafrechtelijke relevantie. Het management van OneStopSourcing wist, althans had redelijkerwijs moeten weten, dat de onderneming structureel niet aan haar betalingsverplichtingen kon voldoen zonder voortdurende externe voorfinanciering. Het wegvallen van factoring was geen onvoorzienbare calamiteit, maar een voorzienbaar en wezenlijk ondernemingsrisico. Het desondanks blijven aangaan van nieuwe verplichtingen, terwijl bestaande schuldeisers langdurig onbetaald bleven, vormt een klassiek waarschuwingssignaal dat in de jurisprudentie wordt betrokken bij de beoordeling van bestuurshandelen in de aanloop naar insolventie. Uit verschillende signalen blijkt dat reeds in een eerder stadium betalingshaperingen optraden. Dit roept serieuze vragen op over: -kennelijk onbehoorlijk bestuur (art. 2:9 BW), -benadeling van schuldeisers, -selectieve betaling (nieuwe facturen wel, oudere vorderingen niet), en, afhankelijk van nadere feitelijke vaststelling, mogelijk paulianeus handelen of bedrieglijke bankbreuk. Het inzetten van een WHOA-procedure nadat substantiële schade reeds is ontstaan en schuldeisers feitelijk als onvrijwillige financiers hebben gefungeerd, kan niet dienen als vrijbrief. De WHOA is geen instrument om achteraf falend risicomanagement te maskeren of verliezen eenzijdig af te wentelen op zzp’ers en kleinere leveranciers. Zeker in een constructie waarin overheidsgelden aan de voorkant binnenkomen en gelden van derden slechts administratief zouden worden “doorgeleid”, is het ontbreken van afgescheiden geldstromen (zoals een derdengelden- of escrowstructuur) bestuurlijk moeilijk verdedigbaar. Dat vergroot niet alleen de civielrechtelijke aansprakelijkheid, maar kan, afhankelijk van feitelijke geldstromen, ook FIOD-relevantie hebben. De stelling dat “vorderingen vanaf 2026 wel worden betaald” versterkt dit beeld: kennelijk bestaat er financieringsruimte, terwijl eerdere schuldeisers worden geconfronteerd met herstructurering. Dat roept de vraag op of hier sprake is van herstructurering, dan wel van risicoverschuiving achteraf. Deze casus vraagt dan ook niet uitsluitend om rechterlijke toetsing binnen de WHOA, maar om kritische aandacht van curatoren, toezichthouders en, waar aangewezen, opsporingsinstanties. Niet omdat ondernemingsfalen op zichzelf verwijtbaar is, maar omdat hier aanwijzingen bestaan dat het bestuur mogelijk te lang is doorgegaan ten koste van derden, terwijl de risico’s voorzienbaar waren. Beantwoorden
nieuws - OneStopSourcing start WHOA-procedure en probeert zo tijd te kopen om faillissement af te wenden
nieuws - Onrust over leverancier flexkrachten en zzp’ers aan overheden. “We werken hard aan oplossing”