"Exploring the future of work & the freelance economy"

39% van de zzp’ers heeft financiële reserves voor minimaal een jaar, verschillen tussen beroepen nemen toe

Gemiddeld hebben zzp’ers in de ICT een grotere financiële buffer dan zelfstandigen in de dienstverlening en logistiek. Tijdens de coronacrisis zijn de verschillen tussen de beroepsklassen toegenomen.

De coronacrisis heeft weinig invloed op de buffer van de gemiddelde zzp’er, blijkt uit de Zelfstandigen Enquête Arbeid (ZEA) 2021 van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en TNO. Begin 2021 dacht 20% van de zzp’ers dat zij maximaal drie maanden konden rondkomen als hun inkomen wegvalt. Dat is evenveel als begin 2019. Maar de verschillen in buffer tussen beroepen zijn wel groter geworden.

39% heeft buffer voor meer dan een jaar

Iets minder zzp’ers schatten dat zij het langer dan een jaar volhouden zonder bedrijfsinkomsten. Begin dit jaar was dat percentage 39%, in 2019 dacht nog 41% het meer dan een jaar uit te houden zonder werk. Zo’n 13,4% denkt nu dat hij genoeg gespaard heeft om het 3 tot 6 maanden vol te houden zonder inkomen, in 2019 was dat 12,6%.

Uit de enquête blijkt dat er grote verschillen zijn tussen beroepsklassen. Zzp’ers in de dienstverlening en transport/logistiek gaven het vaakst aan dat zij snel in de problemen komen. Dit zijn bijvoorbeeld kappers, schoonheidsspecialisten en taxichauffeurs. Ongeveer een derde van de zzp’ers in deze sectoren komt binnen drie maanden in de problemen zonder inkomsten.

Juist in deze beroepsgroepen is het aandeel dat verwacht binnen drie maanden niet meer rond te kunnen komen gestegen in vergelijking met 2019. Waarschijnlijk heeft een deel van hen de buffers moeten gebruiken tijdens de crisis. Zo had 84% van de zzp’ers met een dienstverlenend beroep afgelopen jaar minder of geen werk.

Zzp’ers die zich bezighouden met ICT, administratie of zorg verwachten juist minder vaak dat ze binnen drie maanden in de problemen komen. Deze sectoren werden minder had geraakt tijdens de crisis. Zo’n 14% van de zzp’ers in zorg- en welzijnsberoepen en 12% van de zzp’ers met ICT-beroepen had afgelopen periode zelfs meer werk dan voorheen.

Hoe groot een zzp’er zijn buffer schat, hangt ook af van zijn leeftijd. Van de zzp’ers met een buffer voor minimaal een jaar is bijna de helft 55-plusser. Onder de zzp’ers die niet langer dan drie maanden financieel rond zou komen als het inkomen uit hun bedrijf geheel zou wegvallen, zijn relatief veel 15- tot 35-jarigen (29%).

Met partner minder snel in de problemen

Wie naast zijn onderneming ook nog werkt in loondienst, kan gemiddeld langer zonder inkomen uit zijn onderneming. Zzp’ers die ook als werknemer in loondienst zijn, konden iets minder vaak op korte termijn financieel niet meer rondkomen zonder het bedrijfsinkomen (15%) dan degenen zonder baan als werknemer (20%).

Ook zzp’ers die een partner met eigen inkomen hebben, houden het langer uit zonder bedrijfsinkomsten. Gemiddeld kan 17% van hen het slechts drie maanden zonder bedrijfsinkomen uithouden. Van de zzp’ers met een partner zonder inkomen of zonder partner lag dat respectievelijk op 25% en 28%.