"Exploring the future of work & the freelance economy"
SLUIT MENU

Een intermediair is een opdrachtgever, staat in de Zelfstandigenwet. Maar is wel zo?

Wie is nu eigenlijk de opdrachtgever: de (eind)klant voor wie een zzp’er een opdracht uitvoert, of het bureau aan wie de zzp’er factureert? Die discussie is weer actueel vanwege de concept-Zelfstandigenwet. Daarin staat nadrukkelijk dat het bureau als opdrachtgever moet worden gezien, ook in relatie tot de plicht om minimaal drie opdrachtgevers in twee jaar te hebben. Maar Boris Emmerig vraagt zich af of dit wel in lijn is met de jurisprudentie.

In de Memorie van Toelichting van de concept-Zelfstandigenwet is het volgende opgemerkt:

“Veel zelfstandigen verkrijgen hun opdrachten via een derde partij (intermediair). Dit kan bijvoorbeeld ook een digitaal arbeidsplatform zijn. In de basis zijn hierbij twee verschijningsvormen:

1. De zelfstandige voert een opdracht uit voor de derde partij (intermediair) bij meerdere klanten van de derde partij (intermediair);
2. De zelfstandige voert een opdracht uit bij een eigen opdrachtgever, waarbij vraag en aanbod door de derde partij (intermediair) bij elkaar zijn gebracht.

[…] Naar het oordeel van de regering is bij de eerste vorm sprake van één opdrachtgever, ongeacht het aantal opdrachten dat de zelfstandige verricht voor klanten van derde partij (intermediair).”

De NBBU en de Bovib (brancheorganisatie voor intermediairs en brokers) reageren kritisch hierop. Zo zegt Bart Smals (directeur van de Bovib) in een interview met ZiPconomy:  “Dat een intermediair geldt als één opdrachtgever is onwenselijk, in sommige gevallen praktisch onmogelijk, bijvoorbeeld als wordt gewerkt met raamcontracten, die vaak worden afgesloten tussen overheden en brokers. De zzp’er kan van daaruit voor verschillende overheidsdiensten werken. “Dat zijn wel degelijk verschillende opdrachtgevers.”

Jurisprudentie wijst andere kant op

Het is de vraag of de visie van de regering juist is.

In de jurisprudentie is de volgende situatie aan de orde geweest. De heer A verricht werkzaamheden op het gebied van financiële dienstverlening. Hij is met een intermediair een overeenkomst aangegaan waarin is vastgelegd hij via de intermediair opdrachten zou (kunnen) gaan verrichten. De intermediair is vervolgens overeenkomsten van opdracht aangegaan met de Rabobank waarbij de heer A werkzaamheden verrichte, een situatie van tussenkomst dus. In geschil is of de werkzaamheden van de heer A kwalificeren als winst uit onderneming of als resultaat uit overige werkzaamheden (ROW).

De rechtbank Zeeland – West-Brabant spreekt van “één (uiteindelijke) opdrachtgever”. Die uiteindelijke opdrachtgever is de Rabobank. Voorts overweegt de rechtbank dat “niet gebleken is dat de betekenis van [de intermediair] in de relatie tussen de heer A en de Rabobank de bemiddelings- en kassiersfunctie ontstijgt.

In hoger beroep oordeelde het hof ‘s-Hertogenbosch dat “het feit dat belanghebbende (via [de intermediair]) uitsluitend werkzaam is geweest voor één opdrachtgever (de Rabobank), niet op de voor een ondernemer vereiste onafhankelijkheid en zelfstandigheid [duidt]”. 

In de ogen van het hof is dus niet de intermediair, maar de Rabobank de opdrachtgever.  Verdedigd zou dus kunnen worden dat een intermediair die in een tussenkomst-situatie alleen maar een bemiddelings- en kassiersfunctie vervult, transparant is en dat haar klanten materieel als opdrachtgevers van de werkende moeten worden beschouwd.

Boris Emmerig werkt sinds 1990 als belastingadviseur en sinds 1996 als advocaat. Hij heeft ruim dertien jaar ervaring als raadsheer-plaatsvervanger bij de Belastingkamer van het Gerechtshof te Amsterdam. Hij is als docent verbonden aan de Specialisatieopleiding Arbeidsrecht van het Leids Juridisch PAO, de beroepsopleiding van de Nederlandse Orde van Advocaten en LexLumen. Regelmatig verschijnen publicaties van zijn hand in de fiscale en juridische vakpers. Emmerig is een fiscalist pur sang. Zijn specialismen liggen op het terrein van de loonbelasting, vennootschapsbelasting en fiscale procedures. Hij is verbonden aan het kantoor Holla Advocaten. Bekijk alle berichten van Boris Emmerig

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *



×