Wet “Deregulering beoordeling arbeidsrelaties” naar de Kamer. Rol intermediairs blijft onduidelijk.

Hugo-Jan Ruts door
3 reacties

Staatssecretaris Wiebes (Financiën) heeft zijn definitieve voorstel voor de vervanging van de Verklaring Arbeidsrelatie (VAR) naar de Kamer gestuurd. Dit voorstel werd een paar weken geleden al aangekondigd in een Kamerbrief. Over de inhoud van dit voorstel (geen VAR, wel modelovereenkomsten) hebben we hier op ZiPconomy al uitvoerig verslag gedaan.

Actal, het adviescollege toetsing regeldruk blijft uiterst kritisch op het voorstel van Wiebes, dat nu de naam “Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties” heeft gekregen. Voor Actal blijft het onduidelijk of al het werk dat voortkomt uit het plan van Wiebes zich verhoudt tot het probleem van de schijnzelfstandigheid dat Wiebes ermee wil oplossen.

Opvallend is verder dat in de stukken van Wiebes de rol van de intermediairs, die vaak tussen de opdrachtgever en zelfstandigen staan, geheel onvermeld blijft.

Actal mist eenvoud

Een belangrijk bezwaar van Actal, dat adviseert of regeldruk proportioneel ten opzichte van het beleidsdoel en of regulering überhaupt nodig is, is dat de omvang van structurele schijnzelfstandigheid niet nauwkeurig in kaart is gebracht. Het voorstel van Wiebes is primair daar op gericht. Actal stelt dat niet kan worden “vastgesteld of het probleem zo groot is dat het overheidsinterventie rechtvaardigt. Wij stellen vast dat ook het nu voorliggende alternatief dit inzicht niet biedt”.

Verder wijst Actal er op dat het “Kabinet voornemens is om de verschillen in fiscale behandeling tussen opdrachtnemers en werknemers te verkleinen. Naar verwachting zal het interdepartementale beleidsonderzoek naar zzp’ers (IBO-zzp) daar bouwstenen voor aandragen. Het verkleinen van fiscale prikkels kan de problematiek van de schijnzelfstandigheid verminderen, zodat opdrachtgevers en opdrachtnemers, en werkgevers en werknemers, veel eerder de best passende vorm voor de arbeidsrelatie zullen kiezen. Ten einde het aantal beleidswijzigingen te beperken achten wij het raadzaam om de bevindingen uit het IBO-zzp af te wachten en op grond van die bevindingen te bezien of en in hoeverre additioneel beleid met betrekking tot schijnzelfstandigheid nodig is.” Het voorstel van Wiebes komt volgens Actal dus te vroeg.

Tot slot vreest Actal voor zeer gedetailleerde modelovereenkomsten en mist ze aanwijzingen om die eenvoudig te houden. Daarbij pleit Actal er ook voor om vooraf veel duidelijker vast te leggen welke groepen zelfstandigen simpelweg zonder modelcontract af kunnen. Een goed punt, bijvoorbeeld voor situaties waarin heel duidelijk is dat een zelfstandige ook een zelfstandig ondernemer is (zoals we al eens voorstelde in De VAR en verder: Hoe ingewikkeld willen we het maken?)

“Alles overwegende adviseren wij u het wetsvoorstel nu nog niet in te dienen”, zo besluit Actal haar advies. Een advies dat Wiebes dus naast zich heeft neergelegd.

In een reactie stelt Wiebes  ‘verbaasd’ te zijn over het advies van Actal, dat volgens hem gebaseerd is op een aantal ‘misverstanden’. Zo wijst hij er op dat de modelovereenkomsten niet verplicht zijn. Het “gaat om een facultatieve mogelijkheid om vooraf zekerheid te krijgen voor die opdrachtgevers en opdrachtnemers die twijfelen of er mogelijk sprake zou kunnen zijn van een dienstbetrekking. Op geen enkele manier wordt het wettelijk verplicht om gebruik te maken van een beoordeelde (voorbeeld)overeenkomst.”

Rol intermediair blijft onduidelijk

Verder valt in de Nota van Wijzigingen op dat staatssecretaris Wiebes geheel niet in gaat op de rol van de intermediairs, bemiddelaars en brokers. Zoals in een eerder artikel (‘Vier addertjes onder het gras plan Wiebes‘) al is aangegeven: een zeer groot deel van de zelfstandigen werkt via een organisatie die tussen de inhurende organisatie en de zelfstandige in staat.

Deze veel voorkomende driehoeksrelatie tussen inhurende organisatie, intermediair en zelfstandigen komt niet aan bod in het voorstel van Wiebes. Waarschijnlijk stelt Wiebes dat de intermediair, de partij waar de zelfstandige het contract mee afsluit, dus simpelweg de opdrachtgever is. Dat kan. Het punt is wel dat Wiebes zeer uitvoerig uitlegt dat zijn Belastingdienst de feitelijke omstandigheden waaronder een zelfstandige werkt in de praktijk gaat controleren. En terecht. Als in de modelovereenkomst bijvoorbeeld staat dat een zelfstandige met zijn eigen gereedschap moet werken als teken van zelfstandigheid, dan gaat de Belastingdienst controleren of de zzp’er dat ook daadwerkelijke doet (dit voorbeeld staat ook in de toelichting van Wiebes).  Zo niet, dan volgt er een naheffing en boete voor de opdrachtgever (de intermediair dus).

Het punt is dat deze praktijkcontrole niet bij de intermediair kan plaatsvinden, maar alleen bij de inhurende organisatie. Dit terwijl de intermediair (als contractpartij) dus wel verantwoordelijk is. Het voorbeeld is natuurlijk eenvoudig door te trekken na andere sectoren.

Het feit dat Wiebes geen voorzet doet hoe met deze driehoeksrelatie om te gaan, betekent waarschijnlijk dat hij het aan de markt overlaat om dit op te lossen. Dat wordt nog een stevig gesprek over verantwoordelijkheden en inhuurrisico’s  tussen die bemiddelaars en de partijen voor wie zij zp’ers inhuren, waarbij de zp’ers dan weer moeten opletten in hoeverre het risico mogelijk naar hen wordt doorgeschoven.

De suggestie die Wiebes doet (hij heeft het over ‘facultatieve mogelijkheid’) dat een modelovereenkomst niet nodig is, als er geen twijfel is over wel of geen arbeidsrelatie, gaat hier gelijk van tafel. Ook de VAR was niet verplicht, maar intermediairs (en opdrachtgevers) hebben die verplicht gemaakt voor iedereen die ze inhuurden om zo veel mogelijk risico uit te sluiten. Dat zal met dit plan niet veranderen.

Lees voor overzicht recente nieuws over de Haagse plannen voor zelfstandigen en opdrachtgevers ZiPconomy Thema Nieuwsbrief

Hugo-Jan Ruts

Over Hugo-Jan Ruts

Hugo-Jan Ruts is ‘editor-in-chief’ en uitgever van ZiPconomy.

Bekijk meer artikelen van Hugo-Jan Ruts >

Reacties

  1. Toch weer typisch om te zien hoe een goed gefundeerd voorstel van Actal door de overheid simpelweg aan de kant wordt geschoven. Wat is er toch een afstand tussen de politiek en de praktijk. Ik zie nu al de discussies voor me die zzp-ers en opdrachtgevers gaan krijgen over het feit dat dat de zzp-er een laptop gebruikt van de opdrachtgever en niet zijn eigen laptop (wat gezien toegang tot netwerk, veiligheid etc volledig logisch is).

  2. Ik blijf het absurd vinden dat de overheid die ‘schijnzelfstandigheid’ wil tegengaan, dat doet met een vrijwillige regeling.

    Wat gaan echt malafide opdrachtgevers en – nemers straks doen? Gebruik maken van een keurig goedgekeurd modelcontract (waarvan de fiscus moet aantonen dat er in de praktijk anders wordt gewerkt) of gebruiken ze mondelinge afspraken of een vaag papieren contract waar je alle kanten mee op kan? Bij het eerste is er sprake van misleiding of bedrog, in de 2e situatie kan je je makkelijk verschuilen achter onwetendheid of ontachtzaamheid……….

Trackbacks