"Exploring the future of work & the freelance economy"

SER rapport arbeidsomstandigheden bevestigt het maar weer eens: de wereld van zzp is er een van uitersten

Arbeidsomstandigheden van zzp’ers zijn vaak beter dan die van werknemers. Maar in sommige sectoren juist weer niet.

Flexwerkers hebben vaker slechtere arbeidsomstandigheden dan medewerkers in vaste dienst. Ze doen vaker fysiek zwaar werk, gevaarlijk werk en werken het meest met gevaarlijke stoffen. Dat staan in een onderzoek dat TNO in opdracht van de Sociaal-Economische Raad deed. Flexkrachten zijn vaker (4,4%) slachtoffer van een bedrijfsongeval dan werknemers (3%). ZZP’ers zijn dat overigens minder vaak: 2,1%.   De SER verwerkt de conclusies in een ‘verkenning’ over gezondheid en veiligheid op het werk.

Tot zo ver geen groot nieuws. Het zijn even bekende als pijnlijke feiten.

Uitersten

Flexwerk is voor TNO een breed begrip, namelijk iedereen die geen vast contract heeft.

Bron: Verkenning Diversiteit arbeidsrelaties en arbeidsomstandigheden (SER 2019)

Wanneer we iets dieper in het rapport kijken bevestigen deze cijfers een ander feit dat we al weten, maar toch ook wel goed om nog eens te benoemen. De wereld van zelfstandigen is er een van uitersten.

Uit andere cijfers blijkt dat zelfstandigen zwaar oververtegenwoordigd zijn onder de grootverdieners in Nederland. Ze zijn ook oververtegenwoordigd in de groep ‘werkende armen’.

29,2% van de zelfstandigen is ‘zeer tevreden’ over hun werk, zo blijkt uit de ZAE (in 2015 was dat 26,9%, groeit dus). Dat is toch fors hoger dan werknemers (17,1%, NEA). Maar het percentage zzp’ers dat ‘zeer ontevreden’ is, is met 4,4% (in 2019, in 2015 was dat 3,3%, groeit dus ook) ook hoger dan werknemers (2,9%).

Arbeidsomstandigheden

Dergelijke verschillen zien we ook in het TNO rapport. Daarin kunnen we lezen:

“In veel sectoren kan worden geconcludeerd dat zelfstandigen iets betere arbeidsomstandigheden hebben dan vaste werknemers. Zij hebben qua blootstelling aan fysieke belasting, gevaarlijke stoffen en gevaarlijk werk vergelijkbare omstandigheden met vaste werknemers, maar tegelijkertijd meer autonomie en variatie in het werk en minder werkdruk.”

In veel sectoren zijn zelfstandigen dus beter af dan medewerkers in vaste dienst en al helemaal beter dan uitzend- en oproepkrachten.

Maar, zo staat er ook te lezen: “Het beeld van iets betere arbeidsomstandigheden is echter meer dan bij andere arbeidsrelaties afhankelijk van de sector waarin de zelfstandige werkt. In sommige sectoren, waaronder de bouw en de cultuur, sport en recreatie, hebben zelfstandigen juist minder goede arbeidsomstandigheden.”

Dit soort uitersten zijn relevant voor de beleidsmakers en belangenbehartigers. Ja, inderdaad zijn zelfstandigen bovenmatig de ‘happy workers’. Ondernemers zijn natuurlijk per definitie optimistischer, wat volgens Wieteke Conen (zie dit onderzoek)  een van de verklaringen voor het verschil is. Maar ook genoeg aanleiding om oog te hebben voor de groepen zelfstandigen die bovenmatig ontevreden of – juist ook met minder bescherming dan bijvoorbeeld uitzendcontracten – werk in slechte arbeidsomstandigheden doen.

Hugo-Jan Ruts is 'editor-in-chief' en uitgever van ZiPconomy. Bekijk alle berichten van Hugo-Jan Ruts